De paden op

de lanen in…

Lanen hebben we hier op de berg niet echt. Lanen heb je hier sowieso erg weinig eigenlijk. Maar dat kan ons niet deren: vandaag hadden we een uitstapje op ’t program. De berg op.

Nu zijn onze kinderen niet zo van het wandelen en al helemaal niet van het bergop wandelen. Dat begon vanochtend al met gejammer: “Als jullie willen wandelen, doe je dat toch!! Wij blijven wel hier bij opa en oma.” Helaas voor hun gingen opa en oma hun eigen ding (golf spelen) doen, dus dat schoot ook al niet op. We moesten eerst nog naar de bouwmarkt om contactlijm te kopen. De zolen van de schoenen van dochter lagen helemaal los en moesten we eerst nog even snel lijmen want met die flapdingen kon ze niet eens fatsoenlijk een trap op, laat staan een berg of een zogenaamde “Klamm”. Dat gingen wij namelijk doen. De Wörschachklamm lopen. Een Klamm is een door (smelt)water diep uitgesleten ravijn waar men langs de watervallen d.m.v. houten trappen en stijgbalken langs de tig meter hoge rotswanden omhoog kan klimmen.

Bij de Klamm aangekomen stapte zoon al zuchtend uit de auto, liep al zuchtend voor ons uit naar de Klamm-ingang en draaide zich daar al zuchtend (en de ogen omhoog draaiend) weer om: “da steht ‘Klamm gesperrt’ – jetzt sind wir das ganze Stück umsonst hierher gefahren, mann-oh-mann-oh-mann!” En daarna nog een mompelende zucht met iets van ‘jullie ook met jullie fantastische ideeën’. Anyway, wij zijn niet voor 1 gat te vangen: de daar rondkuierende (opruimende?) dame beleefd gevraagd en we mochten er best al wel doorheen wandelen – weliswaar op eigen risico dus de kinderen liepen voorop (gheheh) – want hij zou toch morgen open gaan. Zoon zuchtte nog maar even een tandje harder.

Dochter was vroeger nogal dwars als ’t om wandelen ging maar dit keer liep ze eigenlijk vol goede moed en zonder geklaag omhoog, op haar met powerlijm besmeurde stappers. Dochter is net een hond, ze sleept elke enigszins acceptabele stok mee en als ’t effe kan propt ze ook nog alle zakken vol ‘mooie’ stenen. Maar dit keer had ze een jurkje zonder zakken aan (gna!!). Aldus propte dochter de stenen maar bij mij in de broekzakken (fak…). Uiteindelijk hadden man, dochter en ik alledrie wel een prachtige wandelstok. Zoon wilde er geen: nóg meer gesleep, het was immers zo al vermoeiend zat.

Maar eenmaal klammklauterend begon zelfs hij de lol ervan in te zien. Was ook erg imposant, dat bulderende water onder je door en langs je heen terwijl je op een smal houten trappetje staat… Hij gilpiepte wel meerdere keren dat we minstens een meter afstand moesten houden van elkaar omdat anders dat hout ’t wel eens zou kunnen begeven. Boven aangekomen eerst maar ‘ns pauze op ’n bankje met zich lonend uitzicht. Toen verder naar de ruïne “Wolkenstein”. Daar ons even de koning te rijk gevoeld (zo prachtig mooi daar…) en uiteindelijk bij een kleine Hütte 15 minuten lopen verderop neergestreken. Grappige WC (ik ben een toiletkijkerT, de toiletten worden altijd eerst geïnspecteerd. Voldoet de plee , is de rest vast ook wel okee – zo mijn motto. En zo was het ook hier.) De lokale lama, de plaatselijke ezel en hun boss in de vorm van een irritante bok keken meewarig naar onze Weißwein-Gespritzt. Helaas hadden ze op de Hütte geen ijs. We hadden de kinderen ijs beloofd als ze verder niet zouden jammeren en ze hadden daadwerkelijk verder niet gejammerd, dus ijs moest er nog komen. Ook dat uiteindelijk gelukt in het eerstvolgende durrup: Irdning. Ois in Irdning also.

Nu zit ik op ’t terras in de wolkige zon te typen. Heerlijke koninginnedag zo. Doen jullie maar fijn vrijmarkten daar.

Lang leve de vereniging (2)

(Poging 2 dan maar….)

Onze sportvereniging bestaat dit jaar 50 jaar. En de beste zuipers staan niet aan wal maar in de tent dus moet dit vanzelfsprekend gevierd worden met een mega-feest: Een tentfeest. Een ‘Zeltfest’. Mocht u nu denken dat ik op dit heugelijke feest mijn (toch al afwezige) brains eruit ga zuipen: fout! Aangezien ik trainster ben van de allerkleinste voetballertjes (hier de bambini’s genoemd, in Nederland heten die iets van ‘F-jes’ ofzo?), voel ik mij in zo’n geval natuurlijk ook genoodzaakt om mee te helpen zodat het hele gebeuren ook echt een knaller gaat worden.

Gisteravond was het begin van alles: een groot feest voor alle leden, aanhang en vooral prominent volk. De lokale TV was er (wist ik), de nationale TV was er ook (shit). De provinciale chefs van allerlei interessante verbanden, de provinciale opperchef zelf, burgemeester en entourage, weet ik veel wie (ik kende er – afgezien van de burgemeester die hier al wel eens tijdens ’t avondeten binnen is komen stuiven – sowieso geen één) nog meer. Heel leuk en fijn allemaal, ware het niet, dat ik – als tevens lid van de damesgym die elke woensdag fanatiek 1,5 uur stept of aerobict – toegezegd heb om mee te doen met een kleine “uitvoering” tijdens deze avond. Salsa-latindance-steps. Waarom ik dat heb toegezegd, beats me, maar op dat moment leek ’t me niet zo’n big thing. Fout geleken :-S

Het hele gebeuren begon met een grote stoet van alle leden – in hun nieuwe tenue: mooi rood is niet lelijk – achter de fanfare  aan. Van het gemeentehuis naar de tent op de sportplaats. Was wel een heel mooi gezicht trouwens, al die rode pakkies. Ik ben ook trotse bezitster van zo’n rode outfit dus ik mocht meelopen. Bij de tent er aan de voorkant in, eet-en-zuip-bonnetjes in ontvangst nemen en er aan de andere kant weer uitsjouwen: terug naar de sporthal voor een laatste keer repeteren. Aansluitend weer naar de tent sjezen. Daar zaten wel héél verschríkkelijk veel mensen… De tent is gebouwd voor ca. 2500 man en halfvol was-ie toch wel… We hadden inmiddels allemaal de fluoriserend gele shirtjes over ons eigen spul heen gesjord en toen begon het wachten op het einde van de film die toen nog liep. Die film kon me niet lang genoeg duren maar hij was uiteindelijk nog duidelijk te kort. We moesten.

Felle lampen, zonder één stap gedaan te hebben al zweet op ’t voorhoofd. De eerste rij helemaal vol met ons aanstarende prominentie. Je zag ze denken “wat wil dat stelletje mutsen nou met die plankjes…”. Whatever. Step neerkwakken op de voorbesproken plek, antislipmatjes eronder prutsen en tappen tot de eigenlijke muziek begon. Die kwam ook al te snel. Ik heb volgens mij meer fouten gemaakt dan in alle oefensessies bij elkaar maar gelukkig ben ik nog altijd goed in het verdoezelen van mijn fouten en ook in het gewoon stom doorrrrrgaan, m’n  ‘Komt goed’-mantra mompelend. Uiteindelijk bleek dat het inderdaad best goed kwam: het publiek was laaiend enthousiast. We kregen ook achteraf nog complimenten, zelfs van een landelijke promi die dat extra nog even kwam zeggen. Toch aardig.

En dan dat gevoel da je hebt als het eindelijk klaar is. Eindelijk voorbij. Geschafft. Finito. Daar doe je het voor hè. Dat gevoel ervóór, dat mogen ze van mij houden. Maar dat erna is best heel aangenaam… En dat dáárna, tijdens het weißweinspritzerdrinken en met z’n allen lol hebben voor twintig is ook prima.

Vanavond moet er dan echt gewerkt worden: dan mag ik namelijk achter de bar staan, 2500 man van alcohol voorzien, van ca. 5pm tot iets van 5am. Kneiterhard werken is dat, maar ook dat is soms best leuk op zijn tijd.

Ach, je moet wat over hebben voor je vereniging hè 😉 En voor de sociale lokale integratie. Dat ook.

(en NB: wat een fijn nikszeggend, burgertrutterig, simpel, alledaags blog is dit hè? pure simple shit – Yes I can!! 😉 )

(oh en nog een heugelijk alledaags dingetje: m’n vrieskast is helemaal niet kapot! Ik heb ’t ding voor niks een klap verkocht: de interne thermometer doet ’t alleen niet meer :-S)

puntje puntje puntje

stil.

ik mag niet meer en ik wil niet meer.

als ik ieder woord dat ik zeg of schrijf in de waagschaal moet leggen en vooral nog eerst 39 keer om moet draaien, dan blijf ik liever stil.

als iedereen denkt te weten wat over wie gaat en wie wat over een ander denkt, hoef ik sowieso niks te zeggen.

als jij denkt dat alles wat ik zeg sowieso over jou gaat, dan zegt dat genoeg over jou. *zachtjes “You’re so vain” van Carly Simon neuriet*

als ik niet ‘vaag’ mag doen in mijn eigen hormoongestuurde blogs, dan blijf ik textueel liever helemaal onzichtbaar.

als ik geen gevoelsuitingen meer mag verzinnen (want geloof me, fictie is ook een passie), dan hoef ik ook niet meer te bloggen.

als alleen de suffe alledaagsigheidjes mogen blijven en de rest weg moet, ben ik ook weg.

een simpele zielen blog.

joepie.

yuck.

stil.

c ya (or not).

 

groet.

Drama Lou.

De reden ben jij

“ohhh, hey, moet je kijken wat ze nu weer schrijft…”
“wat zielig, dit. dat ze dat zelf niet door heeft!”
“een liefdesbetuiging aan pietjemetdelangeachternaam!! heb je dat wel gezien??”
“nôhhh, duidelijk teveel drama en te weinig queen!”
“oh fak, ze ziet het. Dan maar even verder in DM?”
“geloof haar niet hoor, ze kletst maar wat uit haar nek…”
“gefeliciteerd jôh! volgens mij heeft ze het toch echt over jou…”

Ik verzin maar even wat.
Ik kan ’t zelf gelukkig allemaal niet zien.
Maar ik zie wél veel so don’t mess with me please…
Maar ergens is het zo zielig hè…
Dat continue gekonkel.
Dat eeuwige gekronkel.
Dat kakelen om het jezelf maar te horen tokken…
En dat denken dat álles om jou draait…

Maakt het je wereld interessanter?  Vast wel. Mooier kunnen we het niet maken. Interessanter wél, maar goed, dat is dan ook niet moeilijk.
Voel je je er beter door?  Dan ben ik daar dan blij om. Voorrrallll doorgaan.
Geeft het je medestanders?  Ach… die paar mag je hebben hoor. Ik hoef ze niet.
Heb je door mij weer wat gesprekstof?  Fijn, waar zou je het anders over moeten hebben, hè…

Maar dat eeuwige, misselijkmakende geroddel…
Dat steeds weer een ander zwart maken.
Dat gelieg. De ene dit zeggen en exact tegelijkertijd de ander het tegendeel.
Dat tegenstrijdige. Dit rondvertellen maar eigenlijk dát bedoelen.
Dat hevige gestook. Wie niet vóór mij is, is tegen mij.
Dat niet kunnen accepteren dat er mensen zijn die gewoon niets meer met je te maken willen hebben.
Dat een ander niet met rust kunnen laten. Dat schampere gedoe.
Dat proberen om andere mensen aan jouw kant te krijgen.
Dat oneerlijke.
Dat geslijm.

Het is zo ontzettend sneu…

Is dat nou twitter?
Dan stop ik namelijk accuut.
Ik kan hier echt helemaal NIKS mee.
Dit is ook de reden voor alles…
JIJ vroeg ernaar. Waarom?
Ik ben beter in het uitleggen in platte tekst.
DIT is dus de reden. Daarom!
De reden ben jij.

Dat gekonkel, dat gekronkel.
Ik ben het zó zat…
Wees toch ‘ns eerlijk!!!
En zie eindelijk eens onder ogen wat je allemaal aanricht…
Ik wéét dat twitter anders is.
Dat de meeste twitteraars anders zijn.
Gelukkig maar.
Dus nee, ik ga niet.
Ik wéét dat de meesten wél door je heen kijken.
En de paar die dat niet doen, wens ik veel wijsheid (zie vorige post).
Ik wéét wie het liegebeest is.
En velen met mij.
Gelukkig maar.

Dit zijn de allerallerallerALLERlaatste woorden die ik hier aan wijd.
Ik kan niet meer en ik wil niet meer.
Ik ben het spuugzat.
Dit vreet te veel energie.
Van jou ook, alleen zie jij dat zelf nog niet.

Ik wil alleen even heel duidelijk stellen:
– IK roddel niet. Ik ben wél nieuwsgierig. En ik vraag gewoon na als ik iets wil weten. Heel direct. En niet via anderen.
– IK heb niets gezegd. Niets wat ik niet had moeten of mogen zeggen. Jij wel. En jij legt woorden in andermans mond. Woorden die daar niet horen.
– IK ben oprecht. Ik kies heel bewust voor diegenen die ik ik wél kan waarderen.
– Op mij kun je vertrouwen. Wat jou betreft laat ik dat maar in het midden.
– Ik lieg niet. Ik zeg dan nog liever gewoon helemaal niks.
– Ik heb een bloedhekel aan chronisch oneerlijke mensen. En velen met mij.
– Ik neem niet zomaar dingen aan. Als ik het niet weet, dan vraag ik na. Krijg ik geen antwoord, ook goed. Maar dan nóg neem ik het niet automatisch maar aan…

‘Kronkelen’ vind ik persoonijk een heel mooi woord.
Het heeft iets zeer flexibels, iets beweeglijks.
Maar jij maakt er zó iets gruwelijk lelijks van…
.
.
.
Klaar mee.
.
.
.

Moet ik nou wachten met posten tot morgenochtend?
In het kader van het verstand en de wijsheid?
Ach fok it.
Ook het laatste woord moet eruit.
.
*Publiceren drukt*
.
En hou op met m’n blogs te lezen.
Dat zou pas echt heerlijk zijn…
Maar ook teveel gevraagd, vrees ik.
Ach soit.
Hoppateeeeeee, over tot de orde van de dag!!
Ehh.
Nacht.
#BAM!!

Wat is wijsheid?

Geen idee. Ik vraag ’t me al zo’n 30 jaar af
(toegegeven, de eerste 10 jaar dacht ik hier nog niet zo erg over na).
En ik weet ’t nog steeds niet, dus zal ik het ook niet hebben of zijn. Ik pretendeer dat ook niet, gelukkig.

Wijsheid.
Raar woord eigenlijk. Wijs. Heid. Schoon. Heid. Over. Heid. Ge. Heid. Hmmm.
Bij wijsheden moet ik eigenlijk altijd meteen denken aan spreuken in de trant van “mannen zijn als huppeldepup”…
Zoiets als: “Mannen zijn net als wijndruiven. Eerst flink inelkaar stampen en dan in het donker opsluiten voor een fatsoenlijk rijpingsproces, zodat je ze er later zelfs bij het eten redelijk goed bij kunt hebben.” (schijnt Britney Spears ooit gezegd te hebben. Wijs mens, die Britney).
Is zoiets nou wijsheid?

Dan bezit ik namelijk véél wijsheden…

“De man heeft zijn achilleshiel niet aan zijn voet maar in zijn kruis”

of

“Natuurlijk kunnen mannen beter landkaarten lezen dan vrouwen. Mannen kunnen zich sowieso tig keer beter voorstellen dat 1 cm in werkelijkheid 100 kilometer is…”
(die is van Roseanne Barr, trouwens)

of

“Mannen zijn net spaarvarkens. Die waar het minste in zit, maakt ’t meeste lawaai”

OK OK OK…
ik ken er ook nog een paar met vrouwen.

Ach nee, sorry, die ben ik vergeten.

Maar wat is het dan nou wel? Ben je wijs als je uiteindelijk, na een vurrukkullukke berg fouten te hebben gemaakt, daadwerkelijk wat geleerd hebt? Klaarblijkelijk maak ik ook steeds opnieuw dezelfde fouten en schijnbaar leer ik er ook nog eens niets van. Wist ik eigenlijk ook wel. Ik heb in ieder geval weinig gemeen met ezels. Maar drie keer?? 38 keer komt meer in de richting… Of misschien vind ik juist die fouten van mij zo lekker? (gheheheh). Studeren maakt in ieder geval niet wijs, dat staat vast. Kennis is nog lang geen wijsheid. O.a. politici bewijzen het dagelijks opnieuw. En een studie “moderne en hedendaagse wijsheden” heb ik nog niet gevonden.

Ben je dan wijs als je geduld hebt?
Als je anderen eerst aanhoort en afwacht voordat je je oordeel velt?
Of nog beter, als je ook dan nog steeds géén oordeel velt over of iets nou goed of fout is?
Als je de mildheid zelve bent? Als je kunt luisteren voordat je een mening geeft?
Als je veel ervaring hebt? Wijsheid is niet wat een mens overkomt. Wijsheid is wat een mens dóet met wat hem/haar overkomt.

Volgens Wikipedia is wijsheid de  kunst om in alle levensomstandigheden juist te oordelen en te handelen. Okee… dan ben ik helaas echt niet goed wijs. Ik oordeel dagelijks fout en handel daar ook nog naar. De actuele levensomstandigheid maakt dan ook geen bal meer uit.

Wijsheid is wéten wanneer je dom mag zijn. God ik weet ’t écht niet hoor… Ik weet wel dat de ochtend in ieder geval altijd verstandiger is dan de avond ervoor. Dat geldt voor mij helemaal. Een mens kan sowieso beter een nachtje slapen over wat-ie wil gaan doen dan nachtenlang wakker liggen van wat-ie gedaan heeft. Ik zou ‘s-avonds gewoon consequent m’n kop dicht moeten houden en wachten tot het weer ochtend is, dan is alles ineens veel duidelijk en ik ook weer wijzer. Ik maak me op, mijn IQ stijgt daarmee gelijk met 30 procentpunten ofzo, ik kijk in de spiegel en denk…. oh nee. Ik denk niet.

En ach, ook de spiegel der wijsheid beslaat wel eens…

Zo dan!

Jawel, jawel, tatarataaaa!!! Dat was ‘m dan weer!!
De periodieke drama-fase.

I am drama!

Dat heb ik net ook weer mogen lezen. Nou ben ik graag drama in persoon, maar niet als ik zelf nog in het desbetreffende drama geloof. Da’s een beetje als zelf Sinterklaas moeten spelen terwijl je zelf nog steeds heilig vertrouwen in die ouwe zak hebt.

Elke maand blijken mijn hormonen weer opnieuw heel geniepig te beginnen aan een vet potje rugby met m’n verstand. En zo eens in de drie-vier maanden volgt er dan een persoonlijke wereldondergang. Dat is allemaal geen ramp, ook wereldondergangen kun je als volleerd dramaqueen verwerken. Mijn werkelijke issue is: wáárom kom ik er dan steevast en áltijd achteraf pas weer achter dat het zover is? Dit soort “ahaaaa!”-ervaringen kan ik missen als kiespijn. (gisteren zou ik bijvoorbeeld nog “…als jou” geschreven hebben)

Anyway. Mocht u mij toevallig óók de deur uit willen werken, op socmed (zoals vanochtend al gebeurde) of IRL (dat zal wat harder te slikken zijn), doe dit dan please tijdens deze wereldondergangsfases, dan valt die portie extra ellende in ieder geval niet meer zo erg op.

De positievere kant van my major misery is, dat ik jullie dan tenminste niet verveel met mijn alledaagse nietszeggende, oerslappe, burgertrutterige activiteiten. En dan vooral die, die níet mislopen. Nou heb ik er daarvan gelukkig maar weinig. Even het meest recente voorbeeld:

Uurtje geleden.
De buurvrouw komt binnenstormen (onze voordeur is altijd open, vandaar).
“Wanneer gaan we nou steps oefenen voor vrijdag?” (Vrijdag is het groot feest: onze sportclub bestaat 50 jaar en dan moet iedere sportsectie iets op het podium ten toon spreiden. Joepie. Aangezien ik bij de steps/aerobics (oftewel: de vrouwengym) zit, wordt dat podium ook door ons dames besprongen. letterlijk.) Mij vang je niet met dergelijke plotselinge huisinvallen dus ik zeg “nou, nu!”. Whoppa, step (meegenomen om te oefenen) op het laminaat geknikkerd en de buurvrouw erop gejaagd. Ikke zelf ernaast (ik had al eerder – in de gang – geoefend dus ik kon ’t al ietskes beter (smug grin). *kuch*). Buuf plant voet op step. Gaat goed. Buuf springt op step. Step maakt ’n respectabele slipper over ’t toch best gladde laminaat richting mij. De rest is niet belangrijk maar het ging mis. In tweevoud. In ieder geval heb ik daarna een stuk antislip voor vloerkleden op maat gesneden en daar de step voor Buuf opgezet. Daarna ging het gelijk stukken beter. Met mij dan.

Maar wat ik eigenlijk wilde zeggen…
wat wilde ik ook alweer zeggen….
Ah ja.
Niemand hoeft zich zorgen te maken. Ik ga namelijk iets van een alarm in m’n thunderbird-agenda inbouwen. Iets dat ca. 4 dagen voor mijn persoonlijke maandelijkse zondvloed heul hard gaat piepen en abrupt een toetsenbordblokkade activeert zodat ik mijn periodieke depressiviteit niet meer in blogs of tweets of FB-postings om kan zetten. Zoiets. Iemand nog een inspirerend idee? De HA zal mij ook nog mogen adviseren. Ik wil whiskypammetjes ofzo, dat Sintjanskruid is ook niet meer wat het geweest is.

Sorry voor de zware blogtijden waar ik jullie doorheen gejaagd heb. U heeft nu weer een dag of 27 rust.

Maar ik blijf wel graag dramaqueen.
Mag ik dat?

Eerlijk?

Zal ik eens eerlijk zeggen wat ik vind?
…. Ja?
Ik vind dat je behoorlijk kinderachtig bezig bent.

Zal ik eens eerlijk zeggen wat ik nu denk?
…. Ja?
Ik denk dat je teveel mensen kwetst en uiteindelijk verliest.

Zal ik eens eerlijk zeggen hoe ik écht ben?
…. Ja?
Ik ben in ieder geval toch niet zo naïef als jij hoopt.

Zal ik eens eerlijk zeggen wat ik van jou vind?
…. Ja?
Nee, dat zeg ik niet. Dat zou niet eerlijk zijn. En het doet er ook niet toe.

Zal ik eens eerlijk zeggen wat ik nu zou willen?
…. Ja?
Ik zou zo graag willen dat alles gewoon niet waar is.

Zal ik eens eerlijk zeggen wat jij moet doen?
…. Eerlijk??
…. Ja echt???

Ach joh, lieg niet ….

barst

echt.
ik barst.
ik val uit elkaar.
in 100.000 stukjes.
over is het. echt klaar.
wilt u misschien toch nog
een paar 1e gedachtes?
nee? pech gehad.
ik heb m’n hart
opgeruimd.
leeg.
nu eindelijk
kan alles er weer in
wat er ook echt in moet.
dat wat goed voor mij is.
dat wat bij me hoort.
dat wat écht is.
de rest weg.
eruit.
K.O.

au.
krak…
grote barst.
klein verdriet.
grote schoonmaak.
klein zeer.
dag…
jij.

Waarom niet nu?

Schaduw vervult onze steeds legere harten.
Het lijkt wel of alles er uit wegstroomt.
Al dat wat wij ooit waren maar
nooit onder woorden konden brengen.
Kunnen we onze littekens niet
voor héél even over het hoofd zien,
zodat we de komende ochtend
toch nog samen gaan halen?

Denken we ooit nog aan al het goeds,
alle manieren waarop jij me deed leven
alle manieren waarop ik van jou hield.
aan alle dingen die niet zomaar afstierven,
en die de nacht zelfs konden doorstaan.
Waarom doen we dat dan niet nu?
Waarom niet gewoon nog vandaag?
Wat nou als jij me maakte
tot alles wat ik ooit had moeten zijn?
Wat als onze liefde nooit zou sterven?
Wat als dat nu allemaal verloren gaat
achter de woorden die we nooit konden vinden?
Lieverd, voordat het echt te laat is,
waarom dan niet gelijk nu?

Het zonlicht breekt in jouw ogen,
Om toch maar weer een nieuwe dag te beginnen.
Ook een gebroken hart kan nog steeds overleven,
Met slechts een lichte aanraking van waarheid.
De schaduwen door het licht verdreven
Dan zul je me daar vinden, daar aan jouw zijde
Daar waar jij ooit ook weer liefde zult vinden…

(mocht iemand het herkennen: ja, dat is het. op mijn manier. ;-))

Spelletje spelen?

Jij ziet mij als een gewone doorsnee vrouw
zoals er zo vele andere zijn voor jou.
Een simpele vis die net even jouw kant op zwemt.
Die je wat liefde en genegenheid brengt, ongeremd…

Maar ik kan dit spelletje niet meer spelen
Het doet me pijn en ik kan niets ‘échts’ met je delen.
Ik voel de tranen alweer branden in mijn ogen.
want eigenlijk heb je me nooit iets voorgelogen…

Ik keek de liefde vol verwachting in het gezicht
maar de aanraking zélf bleef steeds onverricht.
Het zou hard en onrechtvaardig zelfbedrog zijn
om te hopen. Ik doe wel weer water bij de wijn…

Jij denkt dat je hetzelfde voor mij betekent
Niks bijzonders, geen gevoel, geen harten brekend.
En ik ben te bang, te verlegen om het te laten zien
vind je echt dat ik dit op deze manier verdien?

Voor mij ben jij een speciaal persoon.
Voor jou ben ík slechts heel gewoon.
Ik dacht een naald in die hooiberg te hebben gevonden.
En toch lik ik steeds weer die miniscule steekwonden…

Ik kan dit spelletje echt niet meer spelen.
Ik kan mijn liefde niet meer met jou delen.
Zilte tranen die nu meer dan ooit branden.
Zullen ze simpelweg door warmte verzanden?

Vol met pleisters plak ik mijn ziel
is dit nou mijn lot, mijn achilleshiel?
Want elke keer als ik iets van liefde voel
wordt het steeds opnieuw een grote janboel…

Ik ben klaar met spelletjes spelen.
Kan mijn hart niet in nog meer stukjes delen.
Dan blijft er alleen nog maar een hele hoop gruis
En ga ik zelf ten onder, alle gevoelsgedoe incluis…

Zullen we dan maar een ander spelletje doen?
eentje waarbij ik steeds de winnaar zoen?
Of liever zoiets als mens-erger-je-niet?
Dan verberg ik vanaf nu voor altijd mijn verdriet.

En is het ook niet erg meer ,als jij het wéér niet ziet….
__________________________________________________________
(Geïnspireerd door de lyrics van “You” van  Judith. Maar da’s dan ook alles)
__________________________________________________________

(sorry, slap dit. had ik even heel hard nodig nu. blij dat ik goed tegen m’n verlies kan ^_^)

(OH! NB! MIND THE TAG!!)

schrik

Schrik je van mij?
Schrik ik jou af?
Door wat ik zei?
Ik ben niet laf
Er ís geen wij.
En niets dat ik gaf…

Enkel een woord.
Wat is dat nou.
Ik ben gestoord.
Zoals elke vrouw?
Ik doe een moord.
Ja echt, voor jou…

Maar jij niet voor mij.
En dat is goed
voor ons allebei.
Alles mag, niks moet
Zij ’t zoals ’t zij
’t zit niet in jouw bloed…

Jij doet ’t beter dan ik.
Voel me ergens leeg.
Dat ik nu zelf schrik.
Dat jij juist nu zweeg.
Meewarige blik.
Die ik van jou kreeg…

Het is zoals het is.
En echt niet anders.
Voor mij een gemis.
Geen medestanders.
Nu dan toch gewis
komen die kutwaterlanders…

Goodbye…

…my almost lover…

He said something like
“I might love you”

And she believed him.
He also said
“It could be you I really want”

And she got her hopes up high.
But then he said
He definitely needed to be alone
.

For quite an indefinite time.
And inside…
she died…
because in fact,
he had not lied…

and what have we learned?
-> hypothetical sentences MIGHT be killing…

__________________________________________________

Your fingertips across my skin, the palm trees swaying in the wind – images…
You sang me Spanish lullabies, the sweetest sadness in your eyes – clever trick…
Well, I’d never want to see you unhappy, I thought you’d want the same for me

Goodbye, my almost lover, goodbye, my hopeless dream
I’m trying not to think about you, can’t you just let me be
So long, my luckless romance, my back is turned on you
Should’ve known you’d bring me heartache
Almost lovers always do

We walked along a crowded street, you took my hand and danced with me – Images…
And when you left you kissed my lips, you told me you would never, never forget
These images…
Well, I’d never want to see you unhappy, I thought you’d want the same for me

Goodbye my almost lover, goodbye my hopeless dream
I’m trying not to think about you – can’t you just let me be
So long, my luckless romance, my back is turned on you
Should’ve known you’d bring me heartache,
Almost lovers always do…

I cannot go to the ocean, I cannot drive the streets at night
I cannot wake up in the morning, without you on my mind
So you’re gone and I’m haunted and I’ll bet you are just fine
Did I make it that easy to walk right in and out of my life

Goodbye my almost lover, goodbye my hopeless dream
I’m trying not to think about you -can’t you just let me be
So long my luckless romance, my back is turned on you
Should’ve known you’d bring me heartache
Almost lovers always do…

(A fine frenzy – Almost Lovers)

__________________________________________________

hier en daar is de emotie wel een klein beetje te horen :-S …

Vrieskast

hij pruttelde nog even en toen was het stil.
hij kon niks zinnigs meer doen.
de temperaturen liepen al snel op.
het ijs smolt.
bijna ongehoord schreeuwde hij “Alaaaaarm!!!”
eerst in z’n bovenkamer, toen ook hoorbaar.
zacht maar wanhopig.
hoe moest hij nu in vredesnaam verder?
z’n processor sloeg op tilt.
het lukte hem écht niet meer om af te koelen.
de temperaturen bleven maar oplopen.
langzaam maar zeker ontdooide hij.
en zijn innerlijkheden versmolten…

En toen kwam zij.
Met angst en beven hoorde hij haar de trap afstommelen.
Woedend was ze.
Hoe kón hij haar zo in de steek laten?
Een onverwachte, ferme rechtse op zijn plaatstalen zijwand.
En nog éen. Een hele harde.
Hij beefde ervan.
Ze kon het geven van een flinke trap na nog net bedwingen.
Bruut werd hij wakker geschud uit zijn misère.
Stribbelde tegen maar pruttelde tenminste weer.
Tergend langzaam begon hij zich te bekoelen.
het zachte in zijn binnenste werd weer ijzig.
De vraag is alleen, voor hoe lang…

Maar goed.
Zo zie je maar weer.
Zelfs een vrieskast kun je op de Lou-manier (tijdelijk) repareren…

vrede mee

het is anders
het is rustiger
het is beter zo

teveel brokken in m’n keel
teveel weggeslikte tranen
teveel moeite met bepaalde woorden

een onuitgesproken iets
een onbevredigend gevoel
een onmogelijke wens

plek voor berusting
plek voor wat echt is
plek voor acceptatie

gegeven. alles aan jou
gegeven is het en dat blijft het
gegeven met liefde…

Het teveel een plek gegeven.

Heb ik.

Hallo allemaal…

mind the tag

Ja, ik ben het zat.
Nooit gedacht dat ’t zover zou kunnen komen.
Maar het is zo.
Ik ben de 2.0-wereld van twitbook en facechat even zat.

In de laatste dagen is er zoveel platte tekst zo fout geïnterpreteerd dat ik er bijna een beetje moedeloos van werd. Fout begrepen. Foute dingen in gelezen. Ook door mijzelf. Ik wil het even niet meer. Ik heb zelf al teveel gezegd. Véél teveel.

Daarnaast worden m’n blogs te vaak en te direct aan mijzelf gekoppeld. Dat is ook heel logisch: een blog is toch een beetje een dagboekformaat. Maar ik heb een nogal grote fantasie en een behoorlijke neiging tot doorslaan… Ben ik een beetje melancholisch, schrijf ik al wereldondergangsgedichten. Ben ik een beetje teleurgesteld in iemands reacties, schrijf ik gelijk over het onbegrip, mijn drievoudig gebroken en platgetrapte hart, het grootse gebrek aan liefde en weet ik veel wat.
Neem. het. alsjeblieft. NIET. te. letterlijk….

Ja, heel veel dingen (praktisch alle, zeg maar) die ik schrijf hebben wel degelijk een link naar mijzelf. Bevatten beschrijvingen van de dingen die ik voel. Maar soms ook 28x versterkt… of met extra fictieve dingen erin verweven. Daarom ben ik nu maar begonnen met taggen:

INFO VOOR ALLE TROUWE LEZERS (en voor de rest ook :-)):
Kijk naar de tags onder elk van mijn blogs!! Staat daar iets bij van “echtfictief” of “ietwatfictief” (de tag “rijmelarij” staat voor alles wat zo half in gedichtvorm gegoten is. Dat kan heel goed grotendeels fictief zijn maar sommige dingen die ik wat poëtischer  schrijf, zijn wel degelijk aan m’n real life en real feelings gekoppeld). Is het betreffende blog puur waarheidsgebaseerd, dan staat er iets van “the whole truth” bij. Zie hieronder bijvoorbeeld.

Just mind the tag, please.

En verder gaat het goed, niemand hoeft zich grote zorgen te maken (kleine zijn voldoende). Ik ga me alleen even op mijn real life concentreren nu. De komende paar dagen in ieder geval. Zoals ik zei: I’ll be back. Ergens volgende week is de oude Lou vast wel weer terug. Ik neem gewoon even een korte vakantie. Een midweekje ofzo. Toedeloe!

uiterst veelzeggend blog…

ggggrrrrmmmpfffff…

#datdus

Overhoopeloos

Het is hopeloos.
Ik lig met mezelf overhoop.

Ik ben overhoopeloos…

Er gebeurt zoveel en toch ook weer helemaal niks.
Ik ren met zevenmijlslaarzen in het rond en toch blijf ik op diezelfde plek hangen.
Ik jaag m’n idealen na en ben er verder van verwijderd dan ooit tevoor.
Ik probeer de boel te ontrafelen maar raak steeds meer in de knoop.
Ik wil weglopen van alles maar ren met open armen ernaar toe.

Ach het klinkt heftig, maar dat is het eigenlijk niet.
Zeg ik.
Ik weet zelf heel goed in wat voor levensfase ik zit.
Zeg ik.
M’n tweede pubertijd, inclusief puistjes op de neus.
Heerlijk…
(*even eraan voelt*)

Op zoek naar rust.
En toch steeds weer die spanning willen…
Snakken naar balans.
En toch steeds weer op het randje van de afgrond willen lopen…
Tevreden zijn met wat je hebt.
En toch steeds weer iets compleet nieuws zoeken…
Verlangen naar vertrouwen.
En toch steeds weer vertrouwen op dat intense verlangen…
Kiezen voor je gezonde verstand.
En toch steeds weer doen wat je hart zegt…
Bewust leren van je fouten.
En ze dan toch steeds weer opnieuw maken…
Weten dat je te oud bent voor die onzin.
En dan toch steeds weer dat puberale gevoel koesteren…
Het geluk  zo sterk weten te waarderen.
En het dan toch steeds weer moedwillig in gevaar brengen…
Het licht al lang zien
En toch steeds weer kortsluiting maken…

Waar ben ik in vredesnaam mee bezig…
Overhoopeloos.

Komt wel goed.
Zeggen ze.
Prima.
Wanneer???

Mag het licht uit…
*klik*

ratttatttatttatouille

Oftewel:
Een bonte, eigenlijk niet te vreten mix uit een machinegeweer.
Dat zootje ongeregeld komt dus uit m’n kalaschnikowvingers.
Met minstens tien tegelijk.

Rattattatttattttaaaa….

Ik sta nog steeds volledig achter dat wat ik schrijf en wat ik al geschreven heb.
Ik sta nog steeds compleet achter mijn acties van de afgelopen tijd.
Ik heb alleen klaarblijkelijk nogal eens wat moeite met het inschatten van mensen op de juiste stoornis…

Inclusief mezelf:

– VE (Verbaal Exhibitionisme )
Dat sowieso.
U ervaart het op dit exacte moment.
– MLA (Multiple Loving Abilities )
Check.
Maar daar valt nog mee te leven.
– GS (Goedaardige Schizofrenie)
Absoluut!!!
(kop dicht, Truus Trut. Miep Muts is toch ook stil dus wat wil je nou mens…)
– CS (Chronische Sarcasme)
Helaas wel.
Bijtend als zoutzuur en droog als het koelbekken van Fukushima (fout grapje, I know).
– Brandend naïviteitszuur
Elke dag wel een aanval.
Daar zal ik wel nooit meer overheen groeien…

Daarnaast heb ik nog een goedgelovigheidsgezwel, zware aanvallen van blogdiarree, morbide twijfelachtigheid, een bloedend hart en een gebrekkig onderbuikgevoel.
Hoe lang ga ik dit nog overleven?

Ik ga ratatouille maken vandaag.
Ik hak alle sores in de pan.
En dan vreet ik het vol genoegen op.
Ja, ik kan…

kaaa-uuuuu-teee

zo voel ik me nu.
een gewoon gezellige dag, veel te doen, al veel gedaan.
één onverwacht telefoontje en whoppaaaa!!
het shitgevoel komt weer op de koffie..
gezellig, kom d’r bij, lief shitgevoel. ik had jou sowieso al lang niet meer gehad.
even bijkletsen.

waarom doe ik altijd dingen waar ik later spijt van krijg…
en waarom is dat later altijd kort daarna en niet een eeuwigheid later…
waarom kan ik niet gewoon m’n kop houden.
waarom denk ik niet standaard nog een week langer na over de dingen die ik doe of zeg.
ik lijd duidelijk zwaar aan verbaal exhibitionisme.
dwangmatig eruitgooien wat in dat warhoofd zit.
waar is de afkickkliniek?

ik ga even offline, vooral op twitter.
wie me nog wat zeggen wil, moet me maar mailen.
en als u dat doet, zeg dan vooral dat u van me houdt.
de rest wil ik sowieso niet lezen.
SMS zijn ook niet meer welkom.
Dat u ’t even weet.
ik kan niet meer.
ik stamp die homebutton van m’n foon ook fijn weer lekker in elkaar.
en daarna ga ik mezelf tussen mijn narcissen in de tuin ingraven.
head first.

bah.

bah bah bah.

 

1.0-blogging

ik schrijf (nou ja, sinds ik op wordpress blog is het eigenlijk “schreef”) altijd in een ‘gedachtenboekje’. Twee heb ik er al volgekalkt met vanalles en nogwat. Een best wel echt 1.0-blog dus. Laatst zag ik hier meerdere keren een ‘handgeschreven blog’ voorbijkomen en dacht: “ach, ik kan ook wel ‘ns wat bewijzen aanvoeren voor het feit dat ik al veel langer blog dan die 5 maand hier”. Ik schreef echt alles door elkaar. Gedichten van mezelf, gedichten van anderen, gedachten, vakantierapportages, zieleroerselen, liefdesverdrietigheden, etc. Net als hier dus. Alleen tekende ik er in m’n 1.0-boekjes nogal eens wat in het wilde weg bij. En mijn kinderen kliederden er ook regelmatig in rond.
Ach, kijk zelf maar. Een greep uit de bladzijden.

Waar zit ik toch…

met m’n hoofd…wat een zooi. wat een troep. chaos. echt vette chaos. alles drijft door elkaar. stom hoofd. in the end zingend en jezelf een looser denkend. ik kan het niet. kan het niet ordenen, slok cola dan maar. draadje van m’n koptelefoon hangt over m’n rechterborst. mén wat zie ik er gestoord uit. freak. cola. niemand die ’t kan zien dus kan’t mij bommen. waar is de chips. waarom voel ik me nu ineens toch down. morgen moet ik nog een kaart maken voor de buurman, shit heb ik de danslesbijdrage overgemaakt? raar gevoel in m’n buik. misschien moet er maar chips in. sweet thai chili chips. morgen krijg ik m’n auto terug. joepie. waar zou die rotvis nu zwemmen. waarom hou ik van die vent. ach soit. kan d’r ook niks aan doen. toch ns gaan kijken of we nog chips hebben. onze bank is ook niet echt wit meer eigenlijk. waar is die rekening. ik wil dun zijn… chips. hoe lang zou die foon ’t nu doen…zometeen even op amazon kijken of ik een galaxy kan vinden. oh verrek ik moet nog foto’s bewerken. eigenlijk wil ik dat liedje wel opnemen. lekker stil hier. ik hou toch best van alleen zijn. zometeen even lekker muziek door m’n hoofd raggen. ik wil naar nederland, sommige figuren[ah shit, dit kan ik niet schrijven hier]. ik heb zo geen zin in morgen. moet tuinhuis opruimen. beeldscherm wordt wazig van mijn gestaar. vroeger keek ik altijd wazig. en ik vrat ouwe kaas op een hele gore manier. yuk. en ik had hazetanden dus dat paste wel. 10 jaar beugel did the trick. zou zoon ook een beugel moeten… ik weet wel zeker dat ik ga falen in zal ik nog iemand porren? ach fuck die porren. ik moet nog schilderen. morgen. das veel leuker. morgen. ben blij dat ik 10-vingerig kan typen met 280+aanslagen per minuut. anders is eerstegedachtenbloggen wel een kriem…

voortgezette iphone-chirurgie

…en een dooie vis.
Wat een dag.

Het ontbijt: klooiende kinderen kliederen m’n krant compleet onder. Krant wordt woest weggeschoven. Helaas lag daar mijn iphone tussen en die viel dus met een gracieuze, kleine, in mijn ogen niet echt schadelijke boog plat op onze laminaatvloer. Extra-hard laminaat, dat wel. Bij de obligatoire ‘Doet-ie-ut-nog’-test deed de home-button het toch duidelijk niet. Ach, doet-ie wel vaker. Met de aan-uit-knop ging het beeldscherm wel weer aan (pfiew). Even opnieuw opstarten, dan was ’t leed vast wel weer geleden…
(*hoop hoop*).
NOT!

Het voelde een beetje alsof me een arm afgehakt wordt. M’n telefoon kapot. Mijn lieve oertijd-iphone wilde niet meer app-switchen. Niet meer naar huis. Ik voelde een deel van mij langzaam sterven. Wat ik ook deed (hercalibreren, soft en hard resetten…), hij bleef home-less. Enig gerechtvaardigd gevloek galmde door het huis. Dan maar even sporten (lees: afreageren). En de vissen voeren, zoals altijd rond dit tijdstip. Had ik ook beter niet kunnen doen. Mijn grootste betta (vechtvisje) hing diagonaalverticaal met z’n kop tussen de planten. Een lichte stuiptrekking in de staartvin was een duidelijk teken: not dead yet. Maar ook de laatste 3% leven vloeiden redelijk snel weg uit het kleine, koudbloedige lichaampje… Ik ben niet van de actieve euthanasie in dit geval, dus hij mocht van mij in alle rust sterven (de andere 2 bettadames vonden zijn tic-staartvin ook best appetijtelijk, dus ach, dat wilde ik hun niet ontnemen).

Back to business. De home-button. Zonder home-button geen iphone. Ja, je kunt best van je agenda naar de telefoonfunctie switchen, maar alleen als je de hele telefoon eerst uitzet en dan compleet opnieuw opstart. Dat duurt ca. 3 minuten bij een iphone. En dat geldt dus voor alle apps. Even Wordfeuden? Foon uit, foon aan, hoppa. Niet per ongeluk op een push-berichtje clicken want dan switched-ie gelijk naar die app. Geen doen dus. En een soft-home-button bestaat er voor mijn iOS-versie helaas niet (en mijn fossiele foon verdraagt geen nieuwere versie). Ook een no-go.

Next step: fanatiek youtuben om de cursus voortgezette iphone-chirurgie z.s.m. te voltooien. Cum Laude, zeg ik u. Ik wist al hoe ik ‘m kon slopen, maar ik wist nu ook, welke contactjes met de grootste waarschijnlijkheid het probleem vormden. Ze moesten volgens de youtube-meneer “opgewipt” worden omdat ze bij stokouwe iphones (zoals de mijne) vaak door intensief gebruik (huh?) “platgedrukt” zijn en dan niet meer werken. No problem. Kan ik. Ik wist inmiddels 99% zeker dat het een hardwareprobleem was: ik had de home-button al gehercalibreerd (no result), gereset (no result), de foon gereset (no result) en een speciaal opstarttestje gedaan óf het ook echt een software-ding was (nee dus). Lang leve Google. Een operatie was onvermijdelijk.

Eerst een backup. Wáár staat in vredesnaam die backup van m’n iphone, zoek dat maar ‘ns uit in je windows7-Explorer-op-oorlogsvoet-met-iTunes. Gelukkig had ik hulp van een iphone-genius. Mijn dank is groot, Glenn! Backup gered en gesaved. Vervolgens het operatiegereedschap (een zuignap om het glas op te tillen, een mesje (om het vuil weg te schrapen) met een vel keukenrol, een fijnmechanisch-werktuigsetje (van mij!! ikke gekocht!) en een dienblaadje voor alle losse onderdelen die er mogelijk en zelfs zeer waarschijnlijk uitvallen) klaargelegd en gedesinfecteerd. Het grote sloopwerk kon beginnen (en stiekem verheugde ik me er al zeer op). SIM-kaart + tray eruit geprutst (dat op zich is al een operatie bij een iphone). Toen de schroefjes. Mijn operatie-schroevendraaier paste weliswaar (lees: was miniscuul genoeg), maar ik moest eerst roest eraf krabben met het mesje. Dacht u, dat ik die dingen daarna los kreeg? Nope. Muurvastgeroest. De barst in de back-cover werd daarentegen wel een stukje groter…

Toen bedacht ik me ineens, dat ik mijn adressen/telefoonnummers nog wel even moest overtikken. Ik heb namelijk Thunderbird (want gloedgloeiendehekel aan Outlook) en daarmee kan de foon niet sync-en (nog een reden om hartstochtelijk naar een Android te verlangen). Dus: uitstel van de operatie, eerst adressen veilig stellen. Half uur later: hervatting van de chirurgie. Meer schroefjesgepruts. Meer functioneel gemorrel. Geen beweging in te krijgen. Uit pure frustratie mep ik het ding met een klap op tafel. Eerst een keertje met de voorkant, daarna nog een keer met een ferme klap z’n achterste, smijt ‘m op het dienblaadje en maak vervolgens een kop sterke koffie.

Ik zet de telefoon aan omdat ik nog een gisteren gemaakte afspraak in mijn agenda wil checken voordat het ding compleet naar z’n grootje is. Floep! Push-berichtje van FB. Zoef! Foon switched naar FB. Ach mannnn hé… Ik druk automatisch op de home-button…

EN WHAMMMOOOO!!! HIJ DOET UT!!!

My heart skips, skips a beat…
Ik wist ‘t!! Ik WIST ‘t!!
De non-invasieve Lou methode voor de reparatie van losse contacten werkt toch echt het allerallerbeste:
stap 1) intensief voorbereidend morrelen
stap 2) een ferme klap op de voorzijde
stap 3) een welgeplaatste opdoffer op het achterwerk
stap 4) een kop koffie

Werkt met autoradio’s en dus ook met iphones.
Nobody tells me how to repair my own stuff. Há!!
OH YESSSSS I CAN!! 🙂
Laat ’t ding nou nog maar ‘ns een keer zo’n stunt met losse contacten uithalen, durft-ie niet meer, zeg ik je!

Zo. Nu nog even een vis naar z’n porceleinen vissenhemel brengen.

Daar moet op gedronken worden, hi-ha-hoooooo 😛

(laat maar Sam, ik doe ’t infuus zelf wel. But please play it again…)

Het knaagde…

Het knaagde.
Heel venijnig
en in ’t geniep.

Het vrat.
Van binnen,
echt heel diep.

Het beet.
Als zoutzuur in
een houten vat.

Het knaagde.
Als een geniepige,
venijnige rat…

Daarom voerde ik het maar
’n snoeiharde wortel.
Eer ’t m’n hele interieur opat.

(en nu knaagt ’t nog steeds…)

Hé jij!!!

ja jij! hervonden, bijzonder mens
toen zo vaak voorbijgelopen
zonder ook maar een enkele wens
nu te veel en te vaak gemist
soulmates zijn zo schaars.
dat ik dat toen niet wist…

bewonderenswaardig hoe alles toch
altijd weer terug valt op zijn plaats.
daar waar het moet wezen,
zo zoals het moet zijn.
is dat nou iets als karma? of jin jang?
ah, what’s in a name, het is fijn…

ik prijs me rijk met iemand
zoals jij in mijn warrig hoofd.
jij, die steeds opnieuw weer
aanvoelt, omgeeft en prikkelt
in plaats van enkel verdooft…

jij, die zelfs op grote afstand
je vleugels om me heen kan slaan
drakenbloed kruipt vooral daar
waar het níet kan gaan…

dank je.
dank je voor jou…

__________________________________________
Ehh, ik heb nog even gewacht met de bijbehorende song maar ik post ’t nu dan toch maar
(m.a.w. was ik even vergeten, maar nu dan toch…)
Hey You!!! Always remember, together we stand, divided we fall…

Hey you, out there in the cold
Getting lonely, getting old
Can you feel me?
Hey you, standing in the aisles
With itchy feet and fading smiles
Can you feel me?
Hey you, dont help them to bury the light
Don’t give in without a fight.

Hey you, out there on your own
Sitting naked by the phone
Would you touch me?
Hey you, with you ear against the wall
Waiting for someone to call out
Would you touch me?
Hey you, would you help me to carry the stone?
Open your heart, I’m coming home.

But it was only fantasy.
The wall was too high,
As you can see.
No matter how he tried,
He could not break free.
And the worms ate into his brain.

Hey you, standing in the road
always doing what you’re told,
Can you help me?
Hey you, out there beyond the wall,
Breaking bottles in the hall,
Can you help me?
Hey you, don’t tell me there’s no hope at all
Together we stand, divided we fall.

Eerste gedachtes

Ik lees momenteel een geweldig boek.
“ZIN – Lust in je leven door schrijven” van Geertje Couwenbergh.
(Dank je wel Nanda voor jouw gouden tip!!)

Geertje beschrijft precíes mijn intentie, de manier waarop ik wil schrijven. Het gaat om de eerste gedachte. Zij zegt:
“Door je eerste gedachtes op te schrijven, leer je ze weer vertrouwen. […] Door te leren schrijven vanuit de eerste gedachte leren we er ook vanuit te leven. En leven vanuit de eerste gedachte betekent leven dicht op het vuur.”
En dat is precies wat ik doe. Wat ik al gedaan heb, vooral met mijn laatste blogs. Die stonden bol van eerste gedachtes. Gewoon dat wat in me op kwam, wat in me opborrelde op het moment dat ik tik.

Het leven is veel te veel gebaseerd op tweede en derde gedachtes. De eersten worden weggedrukt. Die kunnen vaak het daglicht niet verdragen of zijn qua normen en waarden niet geaccepteerd. Niet netjes genoeg. Niet wenselijk. Alles wordt opnieuw overdacht, in wenselijke vorm gebracht, ethisch verantwoord gemaakt. En de intuïtie gaat ten onder…

Ik ga nog vaker proberen om te schrijven vanuit de eerste gedachte. Ik weet iemand die dat al heel goed kan en ook doet: mijn allerallerliefste Lou (zie blogroll). Maarre, als jullie hier dus nogal vage, gestoorde blogs (nóg vagere, nóg gestoordere) blogs voorbij zien komen, dan is dat omdat ik m’n eerste gedachtes er weer ‘ns uit knal. Bij voorbaat mijn excuses.

I did not die…

Do not stand at my grave and weep,
I am not there, I do not sleep.

I am a thousand winds that blow.
I am the diamond glint on snow.
I am the sunlight on ripened grain.
I am the gentle autumn rain.

When you wake in the morning hush,
I am the swift, uplifting rush
Of quiet birds in circling flight.
I am the soft starlight at night.

Do not stand at my grave and cry.
I am not there, I did not die.

Mary Frye (1932)

___________________________________________

Dit gedicht werd voor Cis gepost op een ander geweldig sociaal medium (nee, niet twitter).
(Dank je, Femke)

Cis, die vandaag begraven werd.
In haar kleur: paars. Alles paars. Zelfs de kist.
Ik kon er niet bij zijn, Nederland is zo veel te ver weg…
Ik heb vandaag zelfs moeten (mogen) vieren.
Schoonmoeders 75e. Maar echt vieren was moeilijk.
Afwezig, met mijn gedachten ergens anders. Daar.
En nog weer ergens anders. Daar ook.
Oh en daar ook. Rondzwalkende gedachten.
Ik kan dat…
Wat een rare dag vandaag.
Ergens anders zijn dan waar je wil.
Iets vieren terwijl je rouwt.
Iets anders denken dan je voelt.

Ik proost op de kanjer van een vrouw die de wereld nu moet missen…
Ik proost op het feit dat het leven en de liefde toch doorgaat…

Proost Cis.
Op jou.
You did not die…

statische ballons (blogpoeperij)

sorry hoor maar ik moet.
ik kan niet anders.
ik moet.
het borrelt en dan hoppaaaaa
komt de boel eruit…
het zal wel aan die dertiende liggen ofzo.
jullie pech, ik blaat dwangmatig in het rond.
het mooie is, dat je niet moet.
je hóeft het niet te lezen.
het is míjn blog
en daar kan ik in rondprutsen
zoals ík het wil.

maar wat wou ik ook alweer.
oh ja.

m’n kinderen vermaken zich
met statische ballons
“plak de zon aan je neus!!”
gaat-ie nooit meer weg.
ik heb mezelf in de tuin uitgeleefd.
een veertigtal groenteplantjes
hopelijk wordt ’t wat.
de kippebouten staan te pruttelen in de oven
het vrijdagse glas wijn hits the head.

alles is goed.
for the time being…
waarom kan het niet allemaal
voor iedereen
gewoon elk moment
even goed zijn?

één keer knipperen met je ogen
en alles is weer anders…

In the blink of an eye
Seems like minutes as the years fly by
In the blink of an eye
Afraid to stop because I can’t stop time.
And I wouldn’t want to…
Catch me if you can…
(Please catch me)

shit zeg

shit zeg,
dat dit nou gebeurt
alwéér vol glans en schijn afgekeurd…

shit zeg,
dat ik het niet zag
het feit dat jij me écht niet mag….

shit zeg,
die onoplettendheid
en mijn eeuwig volhardende naïviteit…

shit zeg,
die allereerste gedachte
weet niet wat ik dan ooit verwachtte…

shit zeg,
het doet best pijn
om niet eens de liefste te mogen zijn…

shit zeg,
duurde dit echt al eeuwen?
ik ga eens een potje heel hard schreeuwen…

shit zeg,
wat moet ik nou
langzaam voel ik nu die bijtende kou…

shit zeg,
ik ga toch maar naar binnen
om me eens goed op jou te bezinnen…

shit zeg,
*kreet van verbazing slaakt*
ben ik uiteindelijk dan toch geraakt…
.
.
shit!
oh shit.
I got hit…

Spijkerbroekendag

Het is weer lente. Dat verklaart een hoop, zo ook de behoefte – van vooral mannen – aan rokjesdagen. In ieder geval komt de term rokjesdag ineens weer duidelijk frequenter voorbij in de social media. Maar waarom nou specifiek rokjes? Waarom maken we er niet gelijk een tangaslipjesdag van? Dan zie je de boel pas echt goed. Zo’n rokje stoort alleen maar. En ik heb toevallig een hekel aan rokjes. Met wat dikkere heupen en billen (moi) moet je de rokjes in kwestie (want niet alles voldoet hè: ze moeten niet lubberen en niet al te lang zijn want anders zie je nog niks en mooi strak-tekenend om het afwezige perfecte achterwerk glooien) elke 5 minuten weer naar beneden sjorren anders heb je ze in no time onder je oksels hangen. Nee, doe me dan maar een jurkje. Jurkendag. Hmmm. Klinkt ook weer niet werkelijk übersexy. En met een jurk kun je net zo min fatsoenlijk fietsen (niet dat ik ooit fiets, maar het gaat om de theorie).

Tja.
Wat dan.

Bikini-dag?
BeeHaa-dag?
Netkousen-met-jarretels-dag…
Beenwarmer-en-verder-niks-dag.
Naaktloopdag!
Gehaktdag.
Klaar…

====================================

EDIT:
met zeer waardevolle input van Nanda (dank je, goud waard!) weten we nu, wat voor dag het werkelijk is.

Nunkinidag!!!

zoek de glasbak

elke morgen, elke middag, elke avond, iedere nacht (praktisch altijd dus)
stel dat ik er wel, maar jij er niet was (dat maakt ’t wat lastig inderdaad)
dan was morgen, morgen waarschijnlijk weer zo’n dag (de kans is groot…)
o ik kan het niet, ik kan het niet alleen (ah joh, kom op zeg, niet geschoten is altijd mis!)
natte ramen (zeikregen? of toch aan de binnenkant?)
kale muren (wat een lekker potje behangen al niet kan doen)
lege flessen, lege flessen op de gang (daar is de glasbak voor hè)
lange tanden (zolang er geen haar op zit, of maanzaadjes ertussen…)
late uren, late uren (late uren zijn óók uren!)
weinig zon en veel behang (wat nou, net waren ze nog kaal, die muren)

en ik kan het niet, ik kan er niet omheen (dan maar erdoorheen, of nog beter: eroverheen)
ik kan het niet, ik kan het niet alleen (solodrammen lukt anders best goed)
ik heb het geprobeerd, gedaan wat ik kan (“is dit alles, oehoehoehoe…ahahahah is dit alles…”)
maar alles gaat verkeerd, ik ben ook maar een man (aaahaaah!! dat verklaart natuurlijk een boel)
en ik kan het niet alleen (nee, ik begin ’t te begrijpen…)
elke morgen, ’s middags, ’s avonds maar vooral ’s nachts (nog steeds altijd dus)
stel dat ik er wel, en jij er niet was (ik zou ook wegwezen hoor, bij zo’n zeurvent)
dan was morgen, morgen waarschijnlijk weer zo’n dag (of niet… zing dit nog ‘ns, op 21 december?)
en ik kan hiet niet, ik kan er niet omheen (ga je er onderdoor?)
k-k-kan het niet, ik kan het niet alleen…

#zucht

‘t-is toch wat. óveral moet je ze ook bij helpen.
Wat is dat nou, éven snel die lege flessen opruimen….

 

Terugreizen

Onze terugreizen van Nederland terug naar Oostenrijk zijn altijd iets speciaals. De heenreizen zijn dat sowieso want dan ben ik helemaal opgelaten en blij, kan de auto niet hard genoeg vooruit pushen (waarop ik dan steevast commentaar van mijn bijrijdende man krijg: “je rijdt te hard. zo halen we het nooit met één tank en dan mag IK weer tanken” en “kijk, als ík rijd, is ons doorsnee verbruik 1 op 14,7. Als jij rijdt is dat maar 1 op 14,3. Dat is nergens voor nodig.” waarop ik antwoord: “ik wil naar huis en IK rijd (want jij wil computeren), dus ‘Klappe’.” ) Euforisch gevoel als je dan na dik 900km met radio 3FM in de oren de grens weer over bruist: ik ben weer thuis!!!

Maar terug is wat anders. Zo lang mogelijk rekken en dan toch maar op weg gaan. Ik rij zo langzaam mogelijk de poort uit, prikkende oogjes. Nog even voor de grens bij de vrije pomp de auto voltanken. De kinderen jammeren na een kwartier al dat ze zooo misselijk zijn en dat ze een DVD willen kijken. Dat mag pas op de Autobahn want anders kotsen ze te vroeg.

Natuurlijk geldt bij ons ook: de bijrijder is steward(ess). Die doet de verzorging van de overige inzittenden. Man kan dat lang niet zo goed als ik (of course) maar hey, ik moet rijden. En als hij met z’n laptop op schoot naast me zit te programmeren, wil hij wel ‘ns vergeten dat er nog twee koters op de achterbank zitten te karremejakken. Bij de pomp denken we er nog net even aan om een halve Primatour in beide kinderen te stoppen (pfiewww, over een kwartier is het kotsgevaar hopelijk weer geweken).

“Pap, mogen we een DVD kijken?”
“Nee.”
“Mam, mogen we een DVD kijken?”
“Moet je papa vragen.”
“Die zei nee.”
“Nou, dan nee dus.”
“Pap, mogen we wat lekkers? Ik heb honger.”
Man geeft appel-met-gat-erin aan
“Gatsie, die is al bruin van binnen. Ik wil een blokje kaas.”
“We hebben geen blokjes kaas mee, alleen bruine boterhammen met kaas.”
“Bahhhh, waarom neem je nou nooit eens iets lekkers mee voor onderweg?”
Uiteindelijk graai ik de zak met gummibeertjes tussen man z’n benen vandaan en gooi die naar achteren.
Rust.
Op de Autobahn weet ik dear husband ervan te overtuigen dat een DVD (nou ja, SD-kaartje met een geripte film erop) toch echt voor een hoop kwalitatief hoogwaardige laptoptijd kan zorgen. De SD-kaartjes worden vervolgens minitieus doorgesproken en van filmkritieken voorzien (geen enkele film is goed dus waarom nog langer erover discussiëren, douw er gewoon eentje in man…). Ice Age 3. En stil zullen ze zijn.

Wij zijn geen stoppers. We hebben al wel eens het hele stuk (ca. 930km) in 1 ruk doorgereden, onder voorwaarde dat ik dan voor vertrek cq. tijdens de reis geen koffie drink. Maar meestal is 1 plaspauze toch wel noodzakelijk. Helaas voor ons is het ons ook nog nooit gelukt om de terugreis kotsvrij te houden (de heenreis wonderwel altijd, hoe kán dat nou). We hebben standaard plastic zakken in de auto omdat zoonlief regelmatig zijn kaasblokjes-met-gummibeertjes-en-tomatensoep weer moet lozen.

Op een eerdere terugreis was dat ca. een uur na vertrek ook het geval. Zoon loosde braaf in de zak. Toen hij klaar was, verkondigde hij vol trots dat alles in de zak zat en gaf deze met een zwier aan mij (toen voor de falderatie [twentsch begrip voor “ter afwisseling”] de bijrijder), daarmee gelijk een vloedgolf van overgeefsel door de auto slingerend omdat die AH-tasjes toch echt van inferieure kwaliteit zijn en deze al grote, helaas tot toen toe onbemerkte gaten aan de onderkant vertoonde. De kots zat zelfs in dat ding waar je je gordel in klikt. De stank was niet te harden. Zoon onder, zijn kussen onder, ik onder, de ventilatiegaten onder, de auto onder. Bij de eerstvolgende benzinepomp met cockpitreinigingsdoekjes, keukenrol en spa rood de boel zo goed als het ging schoongemaakt. Daarna hebben we dus niet meer gestopt (en heul hard gereden, dat ook) om maar zo snel mogelijk die auto weer uit te kunnen…

De afgelopen terugweg was milder: dé plaspauze (want dochter en ik moesten) werd ingelast. Zoon moest niet. Zei hij. Ineens stommelde hij toch de auto uit, hij moest toch. Nog geen 2 meter van de auto, vlak vóór de motorkap van de auto naast ons, gutste zijn maaginhoud over de parkeerplaats. Mooi. Klaar. Goed getimed. Afvegen, glas water drinken, de verbouwereerd kijkende passagiers van de buurauto steevast negeren en dóórrrrgaan… Een terugreis zonder kotsen blijkt vooralsnog een onmogelijkheid.

Met frisse tegenzin jakker ik naar verder huis. Zo langzaam mogelijk.

Eén voordeel: op terugwegen haal ik die 1 op 15 makkelijk…

Cis-ter…

Een laatste groet.
Een laatste snik.
(nee, dat kan ik niet beloven)

Cis…
je bent weg.
en toch blijf je altijd hier.

het prachtige gedicht op je rouwkaart moet ook ik delen…

Sub finem
En nu nog maar alleen
het lichaam los te laten-
de liefste en de kinderen te laten gaan
alleen nog maar het sterke licht
het rode, zuivere van de late zon
te zien, te volgen-en de eigen weg te gaan.
Het werd, het was, het is gedaan.

(*M. Vasalis*)

Gemis

Weer thuis. Dus.
En da’s ook echt wel goed.
Maar ik heb tijd nodig.
Tijd om weer te aarden.
Veel tijd…

Tijd om mijn tentakels hier weer in de grond te steken en te voelen dat ik hier thuis hoor… Mijn tentakels zijn namelijk een beetje onwillig. Een beetje ‘week’: ik krijg ze de grond niet in. Ik zit nu al te broeden op hoe en wanneer ik terug kan naar Nederland om ze dáár weer lekker in de bodem te proppen. Een sterk gevoel van gemis. Ik mis heftig…

Ik mis mijn lieve pap en mam die zoveel voor me doen en altijd weer een zo fijn “thuis” zijn voor ons
Ik mis mijn zus – mijn grote, lieve, mooie zus…
Ik mis mijn vriendin die inmiddels daadwerkelijk geweldig Schnitzels kan bakken…
Ik mis al mijn groesbeekse tweetlieverds…
Ik mis mijn allerliefste groepstherapiegenoten – therapie op afstand zal echt heel noodzakelijk zijn…
Ik mis een draak, die zijn vleugels altijd om mij heen zal slaan…
Ik mis m’n Tammie, #smka!
Ik mis een elf, een hele rooie mooie…
Ik mis my Miss M. en mijn Grav(e)innetje… ❤ heaps
Ik mis een poes om bij tijden tegenaan te kruipen…
Ik mis die andere Lou. Die allerállerALLERliefste.
Ik mis een vriendin die zondag zomaar uit het leven gerukt werd…
Ik mis my personal Moony, die ene van. Xena is weliswaar mintvrij maar ze voelt nu zo leeg…
Ik mis een lieve verfspetter die mij ‘s-nachts gezelschap hield <3…
Ik mis m’n Li-edjesschrijfster met een 1.
Ik mis m’n eierleggende Char met een Tj- …
Ik mis m’n sprankelende seriet-me-nietje…
Ik mis m’n digidinnetje – ik lief jou ook!!
Ik mis zoveel dierbare mensen die ik in die ene veel te korte week niet eens heb kunnen zien…
Ik mis… jullie.
Ik mis… Nederland.
Maar toch ben ik thuis….

En het enige wat ik niet mis is het gemis zelf…
dat kan ik missen als kiespijn.
But then again…
Missen is iets moois.
Missen betekent dat ik liefheb.
Dat ik geef om.
Dat ik hou van.
En dat blijft.

Gemis.
But.
I’ll be back.

Achterstand

Een week weg is niet goed voor een fervent blogger.
Een week weg is goed voor een gigantische leesachterstand.
Ik kwam er simpelweg niet aan toe om achter de laptop te gaan zitten en te lezen.
Was een no-go.
In de loop van de week maar een speciaal emailmapje aangemaakt voor “nog te lezen blogs”.
Daar zitten nu 177 blog-notification mails in.
En dan heb ik nog de paar blogspotters die ik ook nog graag wil lezen.
Het staat dus nu ongeveer 200 tegen 0.
Ik moet maar ‘ns gaan lezen…
Maar ik heb nog zo ontzettend veel te doen hier
Wassenschoonmakenstofzuigenopruimentuindoenenmetdeburenkleppen…

Sorry.

Vreselijk nikszeggende blog.
Maar even openheid in de stand van zaken kan nooit kwaad denk ik.
Toch?

Blog ‘ns even wat minder jullie!!!
Ik kan het bijna niet meer bijlezen…

terug

ik ga weer terug…
terug naar de bergen
ver weg van de kust
terug naar huis
ver weg van ‘thuis’
terug naar het dagelijks leven
ver weg van alle speciaals
terug naar school en werk
ver weg van jullie…

ik ga weer terug.
met pijn in mijn hart.
wanneer slaat de heimwee weer toe…
morgen? overmorgen?
of toch pas volgende week?

en toch ben ik daar thuis.
dus moet ik gaan.
alweer.

ik wil niet…
(zegt ze met tranen in de ogen)

dag allemaal.
mis jullie.
nu al.
hopelijk tot gauw…

XXXXX

sponsje in het hart

jong.
zo veel te jong.

lief.
maar nooit té lief.

gemist.
gruwelijk gemist…

te jong was je, een bruisend, lief, mooi en sympathiek mens.
altijd een steunend woord voor een ander.
altijd nog een schouder over om op uit te huilen.
en dan treft het noodlot jou.
uitgerekend jou.
het voelt zo oneerlijk.
nee, het ís oneerlijk.
maar zo is het leven, zeggen ze toch.
leg dat je kleine lieverds maar ‘ns uit.
“zo is het leven…”
maar mama is er niet meer.

in zovele harten een gapend gat.
een bomkrater, een plotseling weggerukt deel.
op die plek komt nu een sponsje.
een sponsje dat alles opzuigt
jouw liefde, jouw eigenaardigheden,
jouw goedheid en sympathie,
jouw daden en woorden.
alles in dat sponsje en het gat vult zich langzaam.
met herinneringen aan jou.
om nooit meer te vergeten…

lieve F. rust zacht.

overspoeld

soms heb je dat wel eens.

overspoeld.

door gevoelens.
door alles wat je denkt.
door alles wat je denkt te voelen.

overspoeld.

door zoveel geweldig mooie, lieve mensen.
door een groot gat van gemis.
door alles wat ik wél heb en níet mis.

overspoeld.

door alles wat anderen denken.
door de dingen die jij niet mag voelen.
door dingen die anderen aan lijken te voelen.

overspoeld.

door dat rare onderbuikgevoel.
door pure liefde.
er is niets mooiers.

soms heb je dat wel eens.

Pas(s)en

met pasen past alles
na pasen past me niks meer
zal ik met pasen
maar passen dan?

zalig pasen
het zal me verbazen
de paling jassen
het ei verassen
smelt de choco-sinterklazen
inhalig pasen

te pas en te onpas(s)elijk
that is the question.
ach ééntje past altijd nog.
past u met pasen?

ik paas.

meenemen

waarom deed ik dat
waarom doe jij dit
waarom deden wij zo
omdat.
het gewoon paste.
niet vragen.
meenemen.

volgende keer breng ik een rugzakje voor je mee.

thuis

thuis
ik heb er één
thuis
ik ben er nu
thuis
bij pap en mam
thuis
in mijn element
thuis
in Nederland

the home is where the heart is

gelukkig is mijn hart op vele plekken

thuis.