mutsdag, mutsdag is het vandaag!

vandaag. eigenlijk een doorsnee dag.
zoon niet uit bed te krijgen door slaapstoornissen.
laten liggen en om half 10 naar school gebracht.
even gekletst met vriendinnen op schoolplein.
(die zijn daar altijd blijkbaar, raar eigenlijk…).
lieve commentaren op m’n gekrakeel van gister gelezen.
(zie vorige blog…) (of nee, zie eigenlijk maar liever maar niet :-S)
blij van geworden. doorzetten. ooit wordt ’t wat. misschien.

laptop voor me met een foto van ‘een man’.
die man wordt geschilderd. door mij 🙂
ook dat wordt misschien wat. misschien ook niet :-S
lekker hobbyen met de radio hard aan.
man is ook thuis, dus warm middageten vandaag.
lievelingskostje van de kinderen gekookt:
zelfgemaakte kipnuggets met aardappels en sla.
dochter, al terug van school, hielp zelfs aardappels schillen.

vanmiddag niks moeten. ja, wat kleine dingen.
maar in ieder geval tijd om verder te schilderen.
misschien even wat drummen tussendoor.
misschien nóg een blogje schrijven #ikkandat 🙂
god heerlijk zo’n niksmoetbehalvelekkermutsendag.
mutsen moet.
mutsen is goed.
mutsen zit mij in ’t bloed.

MUTSDAG!!!
#BAM!!!

ok. een hele korte dan.

ik heb net ff “snel-snel” wat opgenomen.
iets heul korts.
en nou gaan jullie allemaal hard lachen.
daarom post ik midden in de nacht.
hopend dat niemand ’t ziet of hoort.
god wat eng.

dit ben ik niet hoor.
dit is gewoon een miss anonymous.
dat jullie ’t effe weten.

>> Lost <<

Niet lachen.
NIET LACHEN!!!!

waarom is het zo vreselijk…

…om naar je eigen stem te luisteren…

Ik ben voor de gein weer eens wat liedjes aan het opnemen met een absolute amateursoundrecorder en m’n laptopmicrofoon. Het klinkt dus sowieso nergens naar (blikkerig, kraken enzo), maar dat mag ‘m de pret niet drukken. Maar dan. Dan luister je het terug, luister je naar je eigen stem. En denkt alleen maar “ohhh neeeeeeeeeeeeeee….wat erg…”

Waarom klinkt je stem voor jezelf zo anders dan wanneer je het via een opname hoort? Het is de zelfresonantie die zo ontzettend confronterend is… Ik heb natuurlijk even gegoogeld.

Ene meneer Krooshof schreef in zijn blog over een eigen theorie van zelfresonatie:
“Als je zingt of spreekt, wordt je klankkleur bepaald door een aantal fysieke kenmerken: De resonanties, oftewel het meetrillen van je schedel, de holtes daarin, de vorm van de mond en neusholte, de nek en de borstkas. Bij het spreken worden bepaalde boventonen benadrukt, en andere juist gedempt. Als je luistert naar een opname van je eigen stem, wordt er door de speaker een geluid voortgebracht waarop je eigen schedel opnieuw precies kan meetrillen. Omdat trillingen van de schedel goed gehoord worden, en deel uit maken van de totale geluidsbeleving, is de waarneming van je eigen stem een soort verterkte vorm van wat het is. Elke resonantie wordt nog een keer versterkt. Zo hoor je de klank, en daarmee de vorm van je eigen keel, neus, jukbeenderen en borst in overdreven proporties. Je hoort als het ware een karikatuur van je eigen klank.”

Ik neem zelf aan dat het ook met de positie van de oren te maken heeft (als je zelf zingt, zitten ze achter resp. aan de buitenkant de geluidsbron en als je het via speakers hoort, zitten ze vóór de geluidsbron). Hoe dan ook, het blijft een raar iets om je eigen stem te horen.

Ik ben echt geen goeie zangeres. Helemáál niet. Ik vind het leuk om te zingen maar dat vindt de halve wereld ook dus dat schiet niet op. Ik zal nevernooitniet aan iets als The Voice of Verweggistan (of wat voor casting show dan ook) meedoen. Daar ben ik sowieso te oud voor trouwens, ik zou mezelf belachelijk maken denk ik. Er zijn miljoenen mensen die tig keer beter zingen dan ik. En daarom durf ik niet… ik durf mijn zanggedoetjes niet te openbaren. Ik vind het raar klinken. Ik heb wel ‘ns iets aan een paar vrienden laten horen, ik heb een liedje aan lieve Heidy gestuurd maar verder ben ik zo’n verschrikkelijke schijterd dat ik simpelweg niet durf. Maar ik zou ’t toch zo graag willen, een paar dingen online zetten…

Hoe kom ik hier overheen?
Iemand een goede suggestie?
Lak aan alles en iedereen hebben?
Heb ik niet.
Vooruit met de geit?
Die rotgeit bokt…
Als jullie nou gewoon allemaal beloven om niet te luisteren? Is dat wat?

Maar de hamvraag is eigenlijk anders.
Namelijk: moet het überhaupt?
Nee, het hoeft niet.
Gelukkig niet.
Er zit sowieso niemand te wachten op nóg een möchtegernzangeresje.

Brrrrr…

Nou, nog even dan.

ja, dat was een heftige blog vandaag.
nee, ik heb echt niks tegen mannen.
ja, het moest er gewoon even uit.
nee, ik ben zelf ook niet flirtvrij.
ja, ik heb mijn duidelijke grenzen.
nee, ik wíl niet over die van jou heen gaan.
ja, Slumdog Millionaire is een intrigerende film.
nee, ik ga het er verder niet over hebben.
ja, er waren andere dingen op TV
nee, ik heb de songfestivalvoorronde niet gezien.
ja, er zijn teveel gefrustreerde mensen.
nee, daar kan ik helaas niks aan doen.
ja, er zijn ook teveel mensen met baggerlaarzen aan.
nee, daar kan ik óók al niks aan doen.
ja, ik heb inmiddels een portie zelfrespect, dat wel.
nee, ik ben helaas nog niet zelfverzekerd, dat niet.
ja, daar moet nog aan gewerkt worden.
nee, vandaag écht niet meer.

JA!
Slaapt u lekker, goed ‘volk’ 😉

mannen die vrouwen haten

Oh ja, zo heet dat boek ook inderdaad. Maar ze bestaan daadwerkelijk ook in het echt, zulke mannen. Nou ja, haten is misschien wel een ietwat groot woord maar ik bedoel dus het soort mannen dat het gebrek aan respect voor het andere geslacht via elke porie uitwasemt. Zo’n man die graag op middernachtelijk uur (als zijn zogenaamd geliefde partner  – en eventuele kleine en nietsvermoedende kindertjes ook – vredig ligt te slapen en droomt van een intacte relatie)  door de wwwereld struint op zoek naar “geil en neukbaar volk”. Klinkt plat, ís het ook. Maar online schijnt alles te mogen. Online banjert deze persoon met zevenmijlslaarzen over iedere fatsoensgrens heen alsof het een mandje rotte eieren is.

Het probleem voor deze figuren is echter, dat het overgrote deel van het ‘volk’ niet gediend is van platvloerse avances (al helemaal niet van mannen met een zogenaamde relatie) en dat dan ook te verstaan geeft. Maar ach herejee, dan is het hek van de dam. Dan wordt de dame in kwestie uitgemaakt voor alles wat mooi en lelijk is (en laat dat mooi dan maar weg). Respect was er al niet maar nu wordt er ook gescholden. Hoe zielig…

Voor deze mislukte variant op de normaaldenkende man zijn vele woorden te vinden maar looser (of nog mooier: lutser) is in mijn bescheiden opinie nog het meeste van toepassing. En nietedelongestelde heren, u zult blijven verliezen zo lang u uw instelling niet verandert (even de beleefdheidsvorm om gepaste afstand te bewaren hoor). Partners zullen er ooit ook achter komen, dat u toch niet zo geschikt blijkt. Kinderen zullen merken dat ze aan hun (stief)vader toch echt geen voorbeeld moeten nemen. Vrienden zullen inzien dat u een respectloos, vrouwonvriendelijk en onaardig persoon bent onder dat dun laagje chroom dat “schone alledaagse schijn” heet. En FLOEP is alles weg wat het leven nog enige zin gaf. Looser…

Er zijn helaas nog steeds hele volksstammen (en achterlijke religies) die de vrouw als zodanig absoluut niet gelijkwaardig aan de man achten en daarentegen vrouwen gelijk stellen aan huishonden. Je kunt er een stuk of wat van in huis houden maar als er eentje een keer terugbijt vanwege het slechte gedrag van het “baasje”, wordt-ie afgemaakt of gestenigd. Maar mens is mens, toch? Allemaal hetzelfde soort. Mens. Niet manmens of vrouwmens. Gewoon MENS! En zelfs dieren heeft men met r.e.s.p.e.c.t. te behandelen!! Doe je dat niet, verdien je het zelf ook absoluut niet.

Wóest word ik van mensen die zich zo gedragen. Misselijkmakend, die mannen die over vrouwen heenbanjeren alsof het wegwerpvoorwerpen zijn. Kijk eens naar jezelf, heren (en dan praat ik tegen het soort heren uit de eerste alinea hè!!). Kijk eens in de spiegel en zeg eens eerlijk. Wát in vredesnaam is er zo geweldig aan u? Wát is er zoveel beter dan de vrouw tegen wie u denkt zo te mogen praten? Ga terug naar uw mammie en vraag om heropvoeding? Alstublieft? Doe het niet voor mij, doe het voor uzelf? Zodat u ooit, in de verre toekomst, eventueel een wat kleinere looser zult mogen zijn?

Ik ben dan ook elke dag opnieuw weer dolblij om te zien dat veruit de meeste mannen in onze samenleving wél heel respectvolle, weldenkende, lieve, fijne, waardevolle en mooie mensen zijn. Nét (als) vrouwen.

Begrijp me niet verkeerd hoor:
Mannen. Ik kan en wil niet zonder!
staat gelijk aan:
Mensen. Ik kan en wil niet zonder!

(Alleen die paar kapitale lutsers mogen van mij met zijn allen op een eilandje in de stille oceaan aan reciprocale opvoeding gaan beginnen. Zonder vrouwspersonen welteverstaan).

zo dit moest er éven uit. Nu mag u weer.

vinden en gevonden worden

langzaam aftellen…
ogen dicht.
Met de handen
de ogen afschermend
niet kijken…
hard wegrennen.
Naarstig zoekend
naar een schuilplaats.
Een donker, veilig plekje.
Niet gevonden willen worden
’t liefst onzichtbaar zijn…

Ik kom!!
De dreiging…
kriebel in de maag.
Hoe vind je iemand…
iemand die eigenlijk niet
gevonden wil worden?
adem inhouden,
mond stijfdicht.
spanning tot in de tenen
jij mág mij niet zien…

JIJ

BENT

AF!!!

leuk spelletje,
dat verstoppertje.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Zelfs als volwassenen spelen we het nog dagelijks….

lachtherapie

giebelen
hinniken
grijnzen
grinniken
glimlachen
schateren
brullen
klateren
proesten
gieren
gniffelen

Het geeft ’n goed gevoel. Het lucht op. De hoeveelheid endorfines en ontstekingsremmende stoffen neemt exponentieel toe, de hoeveelheid stresshormonen daarentegen sterk af. Het immuunsysteem krijgt een boost, killercellen storten zich met zijn allen op de vira in je lijf. De longen worden sterker door het sneller ademen en nemen drie tot vier keer zoveel zuurstof op dan normaal. Cholesterol wordt sneller afgebroken en de bloeddruk daalt. Het hartinfarctrisico wordt door regelmatig lachen gehalveerd. Én als je lacht, kun je dingen veel beter onthouden. Alleen dát zou voor mij al reden genoeg moeten zijn…

Waarom doen we het dan niet vaker? Kinderen lachen zo’n drie- tot vierhonderd keer per dag, volwassenen als je geluk hebt nog net zo’n 15-20 keer (en dit moet nog even genuanceerd worden: vrouwen lachen toch nog ca. 60 keer per dag, mannen 5-8 keer (Bron: Survey AAP)). Hoe dan ook: veel te weinig. Onze kinderen lachengierenbrullen zó veel en dan ook nog ‘ns een keer om de meest onzinnige dingen of gewoon om helemaal niks, dat wij het als volwassenen zelfs irritant gaan vinden en “joh, doe nou es effe normaal?” gaan roepen. Maar eigenlijk zouden we ze moeten laten en er een goed voorbeeld aan nemen.

Soms snak ik naar dat gevoel, naar het buikpijn en krampkaken hebben van het lachen. Het komt nog maar zo zelden voor, véél te zelden… Als mijn gezicht “in rust” is, kijk ik chagarijnig. Zegt men. Ik heb geen van nature lachend gezicht. Ik moet actief de boel omhoog trekken om er lachend uit te zien en hoor dan ook regelmatig “mensch, lach eens!!” terwijl ik voor mijn gevoel best vrolijk kijk. Op foto’s eindigt dat vaak in een nét (niet) herkenbare Mona-Lisa-glimlach of gewoon in een sjaggie kop. Nou ja, so what. Ik kán het wel. En hoe.

Als ik het zelf maar weet, HAAAAAAAAA!!! 🙂

________________________________________________________

Klein mopje (mag wel hè?):

Sherlock Holmes en Dr Watson zijn aan het camperen. Na een uitgebreid dinner en een goeie fles wijn gaan ze moe en voldaan slapen. Een paar uur later wordt Holmes wakker en port Watson in z’n zij. “Hey Watson! kijk eens omhoog en vertel me wat je ziet!”

“Ik zie miljoenen sterren, Holmes”, antwoordt Watson.
“En welke conclusie kun je daaruit trekken?”

Watson denkt een minuutje na. “Nouhou…
Astronomisch gezien zegt het me dat er miljoenen galaxiën en waarschijnlijk miljarden planeten bestaan.
Astrologisch gezien observeer ik dat Saturnus in de Leeuw staat.
Horologisch gezien kan ik zeggen dat het nu ca. kwart over drie ‘s-nachts is.
Meteorologisch gezien vermoed ik dat we een prachtige dag krijgen morgen.
Theologisch gezien kan ik zeggen dat God blijkbaar machtig is en dat we slechts een miniscuul en onbeduidend partikeltje in zijn universum zijn.
Maarre… wat zegt het jou dan, Holmes?”

Holmes is eerst een momentje stil. Dan mompelt-ie
“Watson, jij bent een idioot. Iemand heeft onze tent gestolen!!”

OK, nog eentje dan.
Toen de NASA voor het eerst astronauten in de ruimte brachten, ontdekten ze al snel dat ballpoints zonder zwaartekracht niet werkten. Om dat probleem op te lossen, besteedden ze 10 jaar en 12 miljard dollar aan de ontwikkeling van een pen die probleemloos zonder zwaartekracht, op zijn kop, onder water en op practisch elk oppervlak incl. glas en bij temparturen van -10 tot +300°C kon schrijven.
De russen namen gewoon een potlood.

Tamme kastanje

Ze loopt op haar blote voeten door het bos. Ieder herfstblaadje, ieder vochtig stukje mos, ieder bruingeworden dennennaaldje voelt ze. Voorzichtig omzeilt ze de roomwitte paddestoelen. Af en toe prikt een beukenootje zacht in de holte van haar voet. Van wandelen over in een soort los drafje, sneller en sneller. De wind door haar haren. Langzaam welt het in haar op. Dat gevoel van vrijheid, diep doorademend. Vrij zijn, ze wil alleen maar vrij zijn… De koele boslucht stroomt in haar longen. Bij een grote tamme kastanjeboom blijft ze staan. Geen plek om doorheen te rennen. Behoedzaamheid, met die stekelige bolsters. Ze gaat zitten, met haar rug tegen die machtige, stabiele boom. Ogen dicht. Haar eigen bestaan opsnuivend. Ze leeft nog. Ze leeft weer. Ze lééft.

En ze kijkt.

Zoveel verschillende bomen. Sommige robuust en nog half groen ondanks de herfst. Andere bomen ieletjes en al bijna kaal. Sommige prachtig roodgekleurd, andere met stekende naalden. Sommige met een donker gesloten bladerdak, andere die de zonnestralen volop door laten schijnen.  Een gemengd bos. En allemaal staan ze in alle rust naast elkaar en groeien. Láten elkaar groeien.  Zonder elkaar in de weg te staan, enkel af en toe hun wortels verstrengelend, samen op zoek naar water in de bodem. Takken die hoog bovenin gezamenlijk naar het zonlicht reiken. Waarom kunnen bomen zo goed waar mensen zo verschrikkelijk slecht in zijn… elkaar met rust laten en concurrentieloos coexisteren. In stilte krachtig zijn.

Ze draait zich om en omarmt de boom. Legt haar wang tegen de ruwe bast. Neuriet zachtjes.

Als rozen rood moeten zijn, en viooltjes blauw…
Waarom is mijn hart, dan nog steeds niet bestemd voor jou?
Mijn handen verlangen er zo naar om je aan te raken
Zo erg dat ik haast niet meer kan ademen…
Verloren in deze wereld
Ik verlies mezelf zelfs in dit lied
Daar waar de lichten langzaam doven
Daar zul je mij vinden… *

Ze voelt zich minder verloren en meer geborgen. Uitgerekend onder een tamme kastanje komt ze tot rust. Niet onder een stekende denneboom, niet onder een wuivende palm, niet onder een stoere eik, niet onder een beukende beuk. Tam als een kastanje. En langzaam verslindt ze ook deze…

*[vrij gewrampled van: Anouk – Lost]

blogwirwar

Het nog geen half 11 ‘s-ochtends en ik lees.
Geen boeken, geen recepten, ik lees blogs.
Blogs waarop ik ‘geabonneerd’ ben.

Binnen krap drie kwartier heb ik gelezen over groot verdriet, hotels en mama’s, twijfels, puberende jongens, nieuwe huizen, twitterpauzes, eenzame eilandjes, drugs, rehab, flashbacks, insomnia, lucht, spijt, ingesmeerde krentenbollebillen, carnaval, lucht, kapottigheid en nieuwe beginnen. Een wirwar van blogs.

Binnen een klein uur door minstens 20 werelden gewandeld. Gelezen. Zoveel mensen die zoveel en vooral zo  mooi kunnen schrijven en dichten. Zoveel getalenteerde mensen. Een blogwirwar van verhalen en gevoelens, gebundeld in één medium. Het zou bijna een verslaving kunnen worden, dat blogs lezen. Ik wil ze allemaal lezen. Zelf schrijven is ook leuk maar ik voel me af en toe nogal “nietig” bij de literaire prestaties van anderen. Blogs schrijven doe ik enkel als ik er zin in heb. Voor mezelf. Als anderen het leuk vinden of er  zelfs een lach door op hun gezicht krijgen, is dat mooi meegenomen. Maar blogs lezen doe ik dus nog liever.

Dus: komt u maar door!
We want more!

Suddervlees

Draadjesvlees. Lang-op-het-vuur-gestaan-vlees.
Oh, geen blog voor fanatieke vegetariërs, sorry.

Ik ben er gek op. Nou ben ik sowieso een kookfanaticus, ik kook meer dan graag. Dat is aan mijn eigen formaat ook goed te zien trouwens. Gék op lekker eten. Maar vooral op koken á là Jamie O. Pure grote stukken, basic ingrediënten, bij elkaar inmikken, olijfolie en kruiden erover heen en lekker lang op niet al te hoge temperatuur de oven in.  Slow cooking. Urenlang genieten van de vurrukkulukke geur die langzaam de hele keuken en kamer doordringt.

Maar ik ben dus vooral gek op vleesch. Ik zou geen vegetariër kunnen worden. Het moet wel ’t liefst bio-vlees zijn. Nóg liever heb ik dan ’t vlees van onze buurboeren: die koeien, varkens en lammetjes zie ik namelijk zelf en ik weet dus hoe aangenaam hun bestaan is geweest en dat ze niet volgepompt zijn met antibiotica (tenminste, dat zegt de buurman. En ik geloof hem op z’n mooie reebruine ogen). Of kip-in-‘t-pannetje. Dat kent waarschijnlijk geen hond (misschien heeft het officieel ook een andere naam, maar die ken ik dan niet). Dat is dus sudderkip. In zoetzure saus (met worcestersaus, azijn, suiker, ketchup, tabasco, veel ui en nog meer knoflook). Minstens 3 uur laten sudderen in die saus. Klinkt eventueel ietwat smerig maar is echt zo gruwelijk lekker…

Maar waarom ben ik nou zo gek op dat sudderen? Misschien omdat het inherent aan mijzelf is… ik sudder. Ik ben een sudderaar. In mijn hoofd blijft ’t maar doorsudderen. De alledaagse dingen, de zorgen om anderen, de dingen die ik nog moet doen, de dingen die ik nog steeds niet gedaan heb, wildeweggedachten, wroeging en schaamte, liefdevolle gevoelens, de boodschappen voor ’t weekend, heb ik niks vergeten, de zorgen om mezelf, de onzekerheid over de toekomst die hoe dan ook gaat komen, de onbestemde emoties. Het suddert.

Mijn hersens zijn zogezegd één grote brok suddervlees.
En misschien hoop ik stiekem wel heel hard dat ze na minimaal 3 uur nonstop-sudderen echt ‘gaar’ zijn én ook nog ‘ns lekker  ruiken…

op m’n ziekblog

jaja, ik ben even van m’n ziekbed afgekropen om op m’n ziekblog te gaan zitten. Je moet toch wat hè. De hele dag liggen gaat je niet in je kouwe kleren zitten. Beurse schouders, zere rug, gezwollen ledematen, gaat lekker. Dus even zitten. En als ik al zit, kan ik ook wel schrijven (hoewel met die tijdelijke worstevingertjes typt ’t niet zo geweldig fijn). Eergisteren dacht ik nog dat het alweer stúkken beter ging. Gistermiddag kreeg ik een terugval. Vandaag zieker dan ik het de hele afgelopen week was. Ik hoop echt dat dit dan de grote finale was want ik ben dit hele griepgedoe meer dan zat. Als ik nu echt weer terug bij af blijk te zijn, ga ik huilen.

‘t-Is verdorie nog carnaval ook. Ik riep vanmiddag al jolig dat ik wel als vaatdoek zou gaan. Of als lijk. Dan hoefde ik me in ieder geval niet meer te verkleden. Gelukkig heb ik een gloeiendegloeiende hekel aan carnaval dus griep als excuus is wat dat betreft heel welkom. Ik ben genetisch ongeschikt voor verkleedpartijtjes. Ik kan dat zuipen ook zonder pakkie an. Kan ik. Maar nu even niet helaas. Ik zit volgepompt met aspirine, ibuprofen en paracetamol. In dat rijtje past alcohol simpelweg niet. Ik kan zelfs geen koffie zien. Schreef ik gisteren nog enthousiast dat ik altijd wel koffie kon drinken, moet ik daar vandaag alweer op terug komen. Oh grutten, zou ik zwanger zijn… Nee. Kan niet. Gaat niet. Mechanisch en fysiek onmogelijk. De enige andere optie is dus, dat ik echt te ziek ben om koffie te drinken.

Wèèèèèèèèèèèèèèèh.

Zo, even uithuilen en weer verder.
Morgen ben ik beter.
La grande finale est terminé.
The show is over.
Klaar met grieperen.
Genoeg ziek geweest.
Vanaf nu alleen nog een zieke geest in een gezond lichaam, a.u.b.

Vrouw

Vrouwen zijn vrouwen, moeten vrouwen blijven en dan vooral: speciaal.
IK ben SPECIAAL.
Mij moet je je qua zenuwbelasting eerst maar ‘ns kunnen veroorloven!
Ik heb helemaal geen fouten. Dat zijn gewoon special effects.
Ik lees geen gebruiksaanwijzingen, ik druk alle knopjes tot het werkt.
Mijn scheenbeen is speciaal opgeleid om meubels in het donker te vinden.
Ik zie eruit als een VROUW en niet als een pakket behangen botten.
Dat daar is dus helemaal geen spekvet, dat is allemaal erotisch inzetbaar huidoppervlak!
Áls ik al een keer vlinders in m’n buik heb, drink ik meteen insectengif.
Sherlock Holmes is een nul vergeleken bij mij. Ik kom overal achter. Ik kan googelen.

Én ik ben gewoon geniaal in dingen repareren. Mijn auto bijvoorbeeld. Het ding is dik 12 jaar oud en de oerduitse degelijkheid vertoont grote scheuren tussen het dege en het lijk. Meestal roep ik my special satanic mechanic erbij [man, Red.], maar als die het ook niet meer weet, dan mag ik googelen. YESSS!!! Zo heb ik al ‘ns mijn autoradio gerepareerd omdat een gegoogeld forum zei: “palletje daar en daar in de gleuven steken, autoradio eruit hevelen, goed morrelen, vooral het bruine draadje weer goed bevestigen en radio dan terugdrukken.”
En het werkte!! Sindsdien doet mijn radio het weer heel stabiel en goed. De CD-wisselaar in de kofferbak doet nog wel raar dus daar ga ik binnenkort ook nog even aan morrelen. Werkt. Heb ik bewezen.

Maar goed, bij het opéénnarecentste euvel hoefde ik niet te googelen helaas. Dat kon ik zo wel raden. Het begon ongeveer een maand geleden, midden in de diepdonkere nacht na een horrorskitripje (zie hier) toen ik gekscherend tegen m’n mee terug rijdende buren zei:  ” ‘ns kijken of ’t krotje vannacht wil starten” en het ding dat dus ineens echt niet wou… oops… (OK, na een keer lief over het dashboard aaien en 3 keer starten wel. pfoehh!).
De volgende dag zei ik tegen mijn mechanicus: “Mien jong, die accu is prut. Daar mot een nieuwe in.” (Zijn job. ik doe het huishouden).
Maar mien jong zei: “Ach, da’s de kou, dat ding is echt nog wel goed hoor. Uitgebreid voorgloeien, dan doet-ie ’t echt wel.” Ja duhhh, alsof ik mijn audietje niet ken.
Een week later zei ik ietwat dramatischer: “Mien jong, die accu is echt niet goed, soms doet-ie ’t pas na 3x starten…”
Mien jong zei: “Écht, geloof me nou, dat is de kou. voorgloeien is álles.” Maar ik geloofde niet…
Twee weken later zei ik: “Mien jong, dit gaat fout. Ik sta hier straks met een niet startende auto en eventueel wat huilende kinderen op de koop toe.” (En dát kun je hier niet hebben want wij wonen op een berg(je) met een gevoelde meter sneeuw, daar is geen fietsen aan en mien jong is zelf de hele dag de hort op met zijn – ook niet feilloos werkende – auto).
Een week later zegt mien jong: “Goh! Ik heb maar ’n nieuwe accu gekocht voor mijn auto [oerpoolse degelijkheid overigens. Red.] want hij gaf aan dat de motor een foutje had.” Wat een gewéldige conclusie. De motor heeft nog steeds een foutje, maar ons skodaatje start i.i.g. weer feilloos.
Nou ik nog?
Hint, hint…

Tot eergisteren. Met mijn uiterst zieke kop moest ik zoon naar het carnavalsfeest van de scouting brengen. Niet dus. “zzingzingzinngggg bluhh…huhh.” Het was duidelijk. No ignition today. (Buuf d’r auto geleend, ik kan dat).
Kwaaie Lou.
“IK ZEI HET TOCH??? DIE ACCU IS PRUT!!! IK WIL EEN NIEUWE!!! En die kun JIJ nu gaan halen want MIJN auto doet ’t niet meer. IK WIL NUUUUU EEN NIEUWE ACCU!!!”
En haar wil geschiede.

Maar na een nieuwe accu is de geweldige naviplusradio van mijn geliefde bolide natuurlijk knock-out (en dat is dus het recentste euvel).
Mien jong vraagt dan niet: “weet jij toevallig nog de code van de autoradio?” (die ik inderdaad weet).
Nee.
Hij probeert erop los.
Na drie keer staat er dan: “Gerät gesperrt. S.A.F.E.”
M.a.w. forget it, jij vuige autoradiodief!
Niks meer aan te doen, sorry. Moet-ie naar de garage ofzo.

En toen.
Mocht ik.
GOOGELEN!!!
And so I did.
Nu doet-ie ut weer.
Jippiejajeeeeee.
There.
I fixed it.
I am googlequeen.
I am WOMAN!!
Hear me snore.
Met google kun je zelfs autoradio’s repareren.
#YesIcan!!!

Feel any better, ladies?? 😉

ijskoffie

Als je ziek bent, heb je over het algemeen geen zin in eten.
Bij een normaal mens is dat tenminste zo.
Ik heb altijd al geweten dat ik niet normaal ben want juist als ik ziek ben, vreet ik alles op wat los en vast zit.
Dat doe ik in het dagelijkse leven natuurlijk ook, maar als ik ziek ben, is dat nog een stapje erger.
Ik eet me er zogezegd doorheen.
Dat is heel erg balen, want ziek zijn is nou juist zo’n geweldig iets om af te vallen.
Voor een normaal mens tenminste.

Het voordeel is, dat ik in mijn ziekzijnfases niet echt in staat ben om boodschappen te doen. Dat betekent dat ik mijn medicinale etenswaar moet zoeken in de voorraden die ik in huis heb. Die zijn weliswaar zo geconcipeerd dat ons gezin minstens 5 weken zonder een stap buiten de deur zou kunnen overleven, maar het levert toch nog wel eens wat leuke etenscombinaties op. Sommige zeer succesvol, sommige wat minder. Bij de laatste categorie kan ik dan wel ‘ns de pech hebben dat het er weer uit komt. Zoals vanochtend. Gekookte eieren met valentijnschocolade bleken dus duidelijk géén goeie combinatie. Een stuk belegen kaas met aardbeienjam is daarentegen wel weer erg lekker en gezien mijn ziektebeeld ook erg verantwoord. Een boterham met pindakaas met sambal smaakt mij normaalgesproken wel, maar momenteel moet ik daar weer juist niet aan denken (vooral aan de pindakaas niet, dan nog liever pure sambal). Maar nutella-uit-de-pot (zonder eieren welteverstaan) is echt pure weldaad voor mijn zieke geest in een ziek lichaam. Net als overgebleven spaghetti met kaneel en bruine suiker. Jummie. Kaas-spek-pannenkoeken met veel stroop. Eigenlijk niet echt abnormaal, geloof ik. Een krentenbol met appelstroop en leverworst. Knoflookcrackers met zeezoutboter en tuinkers. Enzo.

Waarom? Geen idee. Ik vrees dat ik in tijden van ziekte hormoneel van slag ben ofzo. Nog erger dan gewoonlijk. Alhoewel, koffie kan ik zelfs doodziek te allen tijde drinken en dat kon ik tijdens mijn zwangerschappen dus echt niet, alleen van de geur ging ik al spontaan over mijn nek. Maar ik ben niet zwanger dus vandaag maar ‘ns even een voet buiten gezet, met een dikke deken om op de houten stoel naast onze zelfgefabriceerde maar al lichtelijk dooiende ijsbaan in ’t zonnetje, grote kop koffie mee. De kinderen zwieren in ’t rond. Ik zit. Zoon bekogelt dochter met ijsbrokken. Dochter schaatst weg, voor mij langs. Zoon mikt de volgende ijsbal en die treft natúúrlijk mij. Hoe kan ’t ook anders. Dat was ’t dan weer voor vandaag. Conclusie 1: zoon kan NIET mikken. Conclusie 2: ijskoffie behoort NIET tot mijn ziekelijke favorieten. Ik druip letterlijk en mokkend af naar binnen. Daar waar ik blijkbaar thuis hoor.

On.

Een ongeluk komt zelden alleen en het geluk zit in een klein hoekje.
Of zoiets.
Je bent in de bloei van je leven dat na je 40e pas echt begonnen is. Je geniet.
En je wordt ziek. Een heftige longontsteking vloert je en daardoor trekt je hart het niet meer. Zomaar ineens ben je van een gezonde middelbare vrouw gemuteerd tot een kasplantje. Je hart wordt weer opgelapt en je gaat zowel psychisch als lichamelijk door een hel. Maar je redt het. Vraag niet hoe, maar je leeft nog.

Nog geen twee weken later weet je wat dat ook alweer was, met dat ongeluk dat niet alleen komt. Je man kiepert om. Weg. Zomaar. Een gezonde, joviale boom van een vent van nog geen 48. Is er niet meer. Zomaar. Ineens. Boink. Zelf door ’t oog van de naald maar daarvoor in de plaats wordt je liefste weggerukt.

Hoe is het mogelijk. Zulke dingen mogen niet gebeuren. Dat noemen ze nou noodlot? Ik noem ’t gemeen.
Oneerlijk.
Onvatbaar.
Onmogelijk.
Onmenselijk.
Onbegrijpelijk.
Onnodig.
On.

……….

snik

Vallen, Tijn!!!

‘t-is schrale schijn
voor die rare Tijn.
onveilig werkterrein
’n vale bloemfontein,
choco halen, liever wijn
jaarlijks weer liefsmalend zijn

die rare liefdeskapitein
geeft Amor ’t vertreksein
dat aanhalige zwijn.
commerciepijn.
straks is-ie weer zó klein
en zal hij aan lager wal geraakt zijn

heb barstende koppijn
da’s balen, maar afijn.
‘t-kan me de ballen zijn
kijk, die magere Hein
geeft zo ’t schietsein…
Vallen, Tijn!!!

____________________________________

Valentijnsgedichtje vanuit de bedstee.
En oh, ik heb niks tegen die vale Tijn hoor.

Ik heb mijn tijntjes en daar ben ik blij mee.
Ja echt, daar doe ik het voor.
❤ ❤ ❤

Ctrl-A Del Klaar

Verbolgenheid. Dat voelde ze. Gewoon even dag zeggen. Kan toch niet zo moeilijk zijn? Je hebt een normaal, leuk gesprek met iemand maar terwijl jij nog zo ongeveer midden in je zin bent, draait die ander zich ineens om en loopt weg. Dat is toch ronduit onbeschoft? Zo voelde ze het in ieder geval. Het was dat die persoon nét niet nog even snel “ach, fuck you!” over z’n schouder riep. Of zoiets als midden in een gezellig telefoongesprek onderbroken worden in de zin van “joh, ik heb nu éffe geen zin meer in jou hoor, ajuus” en bám, de hoorn wordt op de haak gekletterd (als telefoons tegenwoordig nog een hoorn of zoiets als een haak zouden hebben).

Nou ja.
Dan niet.
Ook best.

Iedereen z’n eigen prioriteiten. In een kort berichtje schreef ze, wat ze er nou echt van vond. Niet op haar gebruikelijke sarcastisch manier, dat had toch geen zin. Ook niet verdrietig, dat dekte de lading namelijk niet. Verdrietig was ze niet. Gewoon een klein beetje verbolgen. Om weer eens te merken dat alles en iedereen een grotere plaats innam dan zij. Om te voelen dat alles belangrijker was dan zij. En vooral omdat ze zichzelf over zoiets daadwerkelijk ‘verbolgen’ voelde. What the… waarom zou ze? Nergens voor nodig.

Ze hoopte wat voor hem. Dat deed ze echt. Eerlijk en oprecht. En vervolgens liet ze het onverzonden berichtje voor wat het was:  een onverzonden berichtje. Als het haar in werkelijkheid niks uitmaakte, waarom zou ze het dan nog versturen?

Ctrl-A.
Del.
Klaar.

Helaas
is dit
geen
autobiografische
blog….

mensen

mooie mensen
egoïstische mensen
altruïstische mensen
oersaaie mensen
wildkinky mensen
huisjeboompjebeestje-mensen
dakloze mensen
bekennend polygame mensen
eeuwigtrouwe mensen
uitzonderlijke mensen
stinknormale mensen
zachtlieve mensen
hardvochtige mensen
hoogemotionele mensen
ongevoelige mensen
diepongelukkige mensen
gelukzalige mensen
verslaafde mensen
onafhankelijke mensen
zwaarzoekende mensen
gesettlede mensen
ecologisch-bewuste mensen
milieuvervuilende mensen
naïeve mensen
teveeldenkende mensen
koelbloedige mensen
paniekzaaierige mensen
gevoelsmensen
berekenende mensen
verdrietige mensen
hoogblije mensen
worstelende mensen
bovenkomende mensen
vastbesloten mensen
eeuwigtwijfelende mensen
teleurgestelde mensen
blijverraste mensen
unieke mensen

Van al deze soorten ken ik er minstens eentje.
Minstens.
Ieder van hen heeft iets eigens.
Iets bewonderenswaardigs.
Iets menselijks.
Don’t judge that damn cover before you’ve read the pages, will ya??
Dan zal ik het ook niet doen.

Enkel die door-en-door slechte mensen, hè…
díe heb ik nou echt nog nooit ontmoet…

En dat blijft ook zo.

geen idee, werkelijk geen enkel
hoe ik deze blog zou kunnen betitelen
kan ik er niet toch nog een naam uitkietelen?
’t was immers een goede dag, ja toch wel…

vanwaar dan dat onbestendige gevoel
een soort doffe maagdruk van gemis
eigenlijk een eenzaamheidsbekentenis
zo piekeren en peinzen zonder doel…

plots mis ik dan toch dat warme contact
‘men’ heeft ineens elkaar, en ik de pech
die sommigen en anderen, zomaar weg!
afgeschermd in een low profile pact…

‘k-wou dat ik even ergens anders was
uit, weg, live pratend met een écht mens
‘normaal’ 1.0 contact zonder virtuele grens
niet beeldschermstarend over een leeg wijnglas…

je denkt ’t te hebben, een diepgaand ‘iets’
dat gewonnen gevoel van verbondenheid
herkenning, warmte en genegenheid
en – sláp in the face – blijkt ’t dan toch niets…

diegenen van wie ik het zo graag zou willen
juist díegenen, die zien het zó niet!
gaan volledig op in eigen vreugde en verdriet
voelen en merken niet meer dat ik hard wil gillen…

soms ben ik de gezapigheid hier zo zat
wil ik.. ik wil…, ach ik heb niks te willen
moet zélf die honger naar warmte maar stillen
en leg ‘m stiekem weer een beetje lager, die lat…

hé, een goeie titel zou dat zijn, die lagere lat
ik geef me nu toch maar langzaam gewonnen
denk niet meer diep  na over “zo geronnen”
dag lieverds, ik ben ’t effe zat…


Welterusten allemaal. Fijn weekend gewenst.

Longing

I was made for friday afternoons.
I’m now very aware of that.
However.
I’m NOT made for friday evenings.
I’ll now take off that happy-hat…

As on those somehow blackened nights
I start to feel kind of lonely.
Missing.
Longing for some warming arms.
But here I am, the one and only…

All by myself, drinking red wine
The weekend at its very start
Thinking.
Why am I here, all alone.
Playing my very last sad card…

I won’t be lonely for much longer
I know my love will finally come.
Longing.
For those arms around me.
Of all that love, please give me some…

Mat

Bijna schaakmat zelfs.
Gisteren werd ik al wakker met een soort allergische reactie, vandaag werd ik gewoon normaal ziek wakker. Bijna niet kunnen slikken, piepstekende oren, wateroogjes, verstopte neus en het hele gedeelte vanaf m’n kruin t/m m’n heupen deed zeer. Maar goed, als weledegestelde moeder kruip je toch gewoon om kwart over 6 je bed uit, voorziet je kinderen van kleren, maakt ontbijt, ruimt de boel op en crasht dan eerst maar ‘ns op de bank. Dat laatste kon ik in ieder geval nog heel goed. Na wat duf getwitter en geblog nog wat gewerkt, strijkwas gedaan (jajaja zo eensch in de 1,5 maand moet dat hè…) en stof gezogen.

10 over half 12: eerste kind komt weer thuis.
5 voor 12: buurjongetje (4) van de Kindergartenbus opgehaald, moet ik op oppassen tot buuf thuis komt.
Ondertussen begin ik met koken.
Kwart voor één: tweede kind komt thuis. Eten is klaar.
Na het eten huiswerk maken met ons adhdyslectje.
Een redelijk frustrerende bezigheid bij tijden, maar soms ook best wel vermakelijk. Ik zei bijvoorbeeld voor de 16e keer tegen zoon dat-ie nu echt moet BLIJVEN ZITTEN en z’n rekenhuiswerk moest doen. En wat doet-ie?? Hij gaat uitgebreid en trots lachend voor me staan om te laten zien dat zijn trui bij de rechterelleboog toch echt NAT is. Want…tatarataaa… daar heeft-ie net aan gelikt!!! (als bewijs dat sommige mensen wél hun ellebogen kunnen likken). Fijn.
Ik maan hem vervolgens weer tot zitten en concentreren (tegen wie ik het zeg? geen idee. het werkt voor geen meter in ieder geval). Vandaag hadden we extra mazzel: Een hele pagina tekstopgaven voor rekenen. Echt de heerlijkheid zelve.
“Mevr. Jansen heeft een tweeling gekregen. Lea weegt 2,8 kilo, Lara weegt 2,6 kilo. Vraag: Hoe heet het lichtste kind?”
Zoon: “hà, da’s eenvoudig!! LISA!!!”
—kreun—

Maar ook de leuke dingen gaan voorbij. Daarna mag ik met mijn schuurpapierdroge gebarsten vingers de schaatsen van de kinderen dichtsjorren. De beloning is er wel: twee schaatsende lolbroeken die me in ieder geval even 10 minuten met rust laten. Tot ze naar de WC moeten. Schaatsen weer uit. Skibroek uit. Afvegen. Skibroek aan. Schaatsen weer aan. 5 minuten later hetzelfde met andere kind (OK, dat kind is echt te groot om af te vegen, mag-ie zelf doen). Mijn knokkels bloeden inmiddels. Maar het is het waard. Buurjongetje staat er naast te koekeloeren (heeft geen schaatsen). Nadat zoon hem een sneeuwbal in ’t gezicht keilt, druipt-ie af. Z’n moeder is sowieso al thuis.

Om kwart over 4 trek ik dochter met schaatsen en al naar binnen, danskleren aan en hoppetee naar de streetdance. Afleveren, boodschappen doen. Dochter weer ophalen. Naar huis. Avondbrood maken. Opruimen. Blokfluit oefenen met zoon voor morgen (ook zo’n geNOT: als hij nou ‘ns enigszins beheerst in die blokfluit kon spugen maar hij bewerkt het ding alsof het een saxofoon is). Om half 8 liggen ze er allebei in en is man inmiddels ook thuis gekomen, naarstig naar zijn bord warm eten zoekend. Joepie

Oh verrek ja, ik was ziek…

Ik ben afgemat.
Mat.
Ogen op half zes en verstand op nul.
Mat als een badmat.
Ja! Ik ga in bad.
Nu.
Ajuus.

Blogpoeper

ik ben elke keer opnieuw ongelooflijk onder de indruk van wat mensen allemaal bloggen.
En vooral van hoe váák ze bloggen.
En ook van wát ze dan bloggen.

Wie naar mijn blogroll kijkt, ziet al dat ik gewoon niet kan kiezen. Ik vind ze allemaal geweldig, al die blogs en bloggers. De mooiste gedichten, soms wel 3 per dag. Verhalen, grappige beschrijvingen, gedeelde pijn, blogs die tot nadenken aanzetten. Zoveel inspiratie, zoveel “output”, zoveel mooie woorden, zoveel rake teksten, zoveel waarheden.

Ik ben een nogal losbollige blogger. Ik kan niet eens even lekker gaan zitten en een blog eruit persen. Kan het simpelweg niet. Ik moet iets hebben wat me inspireert, waar ik over nadenk, wat me op dat moment aan ’t hart gaat, wat ik vertellen wil. Zoiets als een sporadisch gebrek aan inspiratie bijvoorbeeld. Kan dus zijn dat ik dagenlang niks blog en dan ineens floepen er toch weer 2 achter elkaar uit. Maar dat ‘gebeurt’ mij: ik blog passief. Het welt vanzelf op, begint te borrelen en dan kook ik over. Gaat vanzelf. Maar zonder hittebron overkoken lukt me voor geen meter, hoe graag ik het ook zou willen. Een beetje als naar de WC moeten voor een grote boodschap. Dat doe je ook niet op commando, dat doe je als het dringend nodig is, als het eruit moet.

Há! Ik weet ’t nu!
Ik ben een blogpoeper!!

(nu nog een purgatieve oplossing vinden voor die inspiratieve obstipatie)

het giet niet aan.

Ik heb werkelijk geen idee waar “it Giet oan!” voor staat (ik vermoed iets van “Jetzt geht’s los!!”) maar het giet dus niet oan. Als zich die tig miljoen verwachte elfstedentochtbezoekers op die 5 tot 10 cm ijs zouden persen, zouden we in ieder geval een leuk ikea-spotje met massaal ijsbadderenden gehad hebben. Maar het heeft niet zo mogen zijn. Nog niet althans.

En ja, wij hier in Oostenrijk doen ook mee hoor, met die elfstedengekte. Nou ja, ik tenminste. Ik had het echt, echt, écht gehoopt. Vorige week zijn we daarom al heel enthousiast begonnen met onze eigen elfvierkantemeterbaan in de tuin. Een eigen mini-ijsbaantje. Nu wil het lot dat ik zelf ons gazon aangelegd heb (net als de rest van de tuin trouwens) en dat ik het niet zo nauw genomen heb met het “eerst vlak maken” voor het inzaaien. Ik dacht dat dat vanzelf in de loop der tijd wel plat zou worden. Het gevolg is een prachtig glooiend landschap met hier en daar een diep oeroostenrijks dal. Heel mooi maar vreselijk moeilijk om daar een ietwat platter stuk in te vinden om een enigszins fatsoenlijke ijsbaan op te spuiten. Maar man heeft zijn best gedaan met de bekisting en de folie en ik heb m’n best gedaan met het laagje voor laagje water erop spuiten. De ijsplak aan de achterkant van de baan is nu dus zo’n 20 cm dik, die aan voorkant ongeveer -4 cm (daar is dus een folieheuvel die we nu maar hebben omheind met planken).

Pure, saaie theorie. De praktijk heeft vandaag toch maar mooi aangetoond een ijsbaan echt niet perfect en al helemáál niet groot hoeft te zijn om een hoop lol te hebben. De kinderen hadden het. De hele middag. Ze hebben hun eigen elfvierkantemetertocht geschaatst. Ze waren samen zelfs al druk aan ’t oefenen voor hun paarkunstschaatskuur in Sochi. Hand in hand. Tussendoor nog iets van huiswerk gemaakt, warme chocomel gedronken en uiteindelijk ook nog even wat avondeten erin gewurgd en hup, weer doorschaatsen. Zelfs in het donker nog. Ik ijsmeesteres heb me weliswaar de vingers er bijna afgevroren bij al die ijsopspuitbeurten maar alleen vandaag was het dat al waard.

Hier giet ’t oan hoor! It Giet oan!!

Balski-weekend

Klinkt lekker.
Een beetje als poolse wodka.
Een weekendje met Balski.
Het was echter wat minder alcoholisch dan ’t klinkt.
En veeeeeel kouder. Dat ook.

Zaterdag was een coccoondag: volgens mij hebben we zo ongeveer de hele dag met zijn viertjes op de bank doorgebracht. Spelletjes doen, schaken, computeren, TV kijken, warme choco drinken, dat soort dingen. Het was buiten zo gruwelijk koud (-16°C en veel wind overdag) dat het ook echt gewoon NIET LEUK was om de deur uit te gaan. Maar uiteindelijk moest dat dan toch. En dan ook nog in panty… Ik moest namelijk met man naar een heus “bal”. Een gala. Ik was nog nooit op een echt “bal” geweest en wist ook niet precies wat er nou verwacht werd. Ik vond me in m’n rode jurkje (’t ding is al 18 jaar oud maar redelijk tijdloos en vooral figuurvriendelijk) met zwarte laarspumps (en -niet overdreven- drie lagen corrigerend ondergoed) wel acceptabel. Maar dan. In je panty met kniekort jurkje eerst een klereeind bij -20°C naar het Brucknerhaus lopen. Echt, dat voelt alsof je je in je tankini door de sneeuw walst. Eindelijk binnen. En dan… merk je dat je toch 1 van de weinigen in kortere kledij bent. Wát een baljurken!! I was impressed. Wát een sjiekdefriemelaangelegenheid!! Het Wiener Opernball in het klein, zeg maar. Ik was gelukkig niet de enige in het kort en ook niet de enige in knalrood (pfiewww) maar ergens was het toch niet zo “mijn ding”, vooral niet als je enkel spa rood drinkt omdat je de BOB bent. We hebben wat gewalst (nadat de debutanten in keurig zwart-wit hun beste beentje voor hadden gezet en het “Alles Walzer!” aangekondigd was). En ik heb ook mijn toekomstig zweefvliegtuigpiloot leren kennen (een collega van man, ik ga in ’t voorjaar met deze heer een zweefvlucht maken boven de bergen, heb ik voor m’n verjaardag gekregen). Dat was wel handig want ik kreeg enige tips met toelichting van hem:
– een á twee antikotstabletten innemen (“echt íedereen kotst tijdens het vliegen en dat is heeeeel irritant!! dan heb ik liever dat ze slapen.” – ahh… fijn…)
– een paar antikotskauwgumpjes meenemen (“voor het geval de tabletten niet voldoende zijn”)
– heeeeeeel warme kleding aandoen (“het is daarbovenin echt meer dan SAUKALT”)
– stevige schoenen aandoen (“want je weet nooit waar je uiteindelijk landt hè, kan ook in een koeiedrekweiland zijn”)
Nou ja. Ik verheug me er toch op.
De terugweg naar de auto was zomogelijk nog ijziger, echt alles stond stijf bij mij… (nee, fantasieën daarover zijn geheel misplaatst). En ik was ongelooflijk blij dat ik om 2 uur die pumps weer uit kon trekken en om half drie na een warme douche in m’n bed lag. Dat was het BAL van dit weekend.

Zondags stond schoonmoe op ’t program. Haar legendarische schnitzels waren lekker! Gelijk na het middageten de hele familie in de skikleding gehezen en naar Sandl (20 min. rijden verderop). Een prutserig kleine, vlakke ski-gelegenheid met 2 liften waarvan er 1 het niet deed vandaag. Maar de kinderen moesten nog oefenen dus goed genoeg voor ons. Helaas hadden we ook vandaag de kou weer onderschat. Na goed 2 uur skieen hadden we het uiteindelijk voor elkaar: 2 wanhopig huilende kinderen die hun “voehoehoeten” niet meer voelden en hun “vihihingers” niet meer konden buihuihuigen. Nou goed dan, dan stoppen we maar… zucht… Inmiddels voel ik mijn voeten ook wel weer (het was inderdaad koud :-S) maar ik heb best lekker geskied. Ben die extreme kou wel een beetje beu eigenlijk, maar ach, onze ijsbaan in de tuin is nu bijna klaar. Is ook wel weer leuk. En dát was dus het SKI van dit weekend.

Een BALSKI-weekend.
Ik heb ze wel ‘ns slechter gehad.
En veeeeeel warmer. Dat ook.

nog even dan.

nog even nog een vleugje van die heerlijke normaliteit delen.

Zonet. Vervroegd avondeten (laat geontbeten dus geen lunch en ik wil vandaag sowieso niet te laat eten omdat ik anders straks niet meer in m’n correctieondergoed en jurk voor het bal pas).

Zoon prikt in z’n draadjesvlees en mompelt:
“Ik weet ineens weer waarom ik niet van dit vlees houd. Het zit echt helemaal in de klit.”
Dochter springt enthousiast op om haar kam en antiklittenspul te halen en jodelt grinnikend:
“pas maar op, er zitten vast ook een hoop luizen in!!”
Zoon kokhalst.
Hij’s fijn meis…

Zoon kijkt man over zijn vieze draadjesvlees heen verveeld aan en vraagt vervolgens:
“Zeg pap, vertel ‘ns. Wat gaat die zon van ons straks over een paar miljard jaar nou doen? Gaat-ie gewoon opbranden of explodeert-ie?”
Tuurlijk. Dat zijn ook de dingen waar zich de doorsnee negenjarige mee bezig houdt.
Man kletst erover heen en zegt:
“Weet je, laatst werd er eens een astronaut door een kind geinterviewd. Dat vroeg hem wat het volgende project zou zijn. De astronaut antwoordde: “dan vliegen we naar de zon!” Het kind vroeg toen natuurlijk of dat dan niet veel en veel te heet is en ze dan zouden verbranden. Astronaut antwoordde laconiek: “ach dat valt wel mee, we vliegen ‘s-nachts!!”.”
Man en ik hiklachen over ons wijntje heen maar zoon antwoordt uiterst droog:
“Nou, da’s stom want dan vliegen ze mooi de verkeerde kant op”.

Ja, het namiddagavondeten was weer leuk.

En tot overmaat van ramp ben ik ook nu nét nog ongesteld geworden (ach verrek ja, het is weer volle maan).
Blij dat ik een rode jurk aan heb vanavond.

Burgertrut

Als ik over mijn leven nadenk (wat ik de laatste tijd steeds vaker doe maar eigenlijk gewoon beter maar niet zou moeten doen), schiet me maar één beschrijving te binnen.

Gezapig.

Ik ben weliswaar de wereld rond geweest, heb gestudeerd en veel in het buitenland gewerkt, veel mensen gezoend, veel leuke dingen gedaan, heb een eigen zaak (zónder pensioensverzekering, live dangerously oeioeioei), leuke “hobbies” en woon op een gezellig heuveltje in Oostenrijk.

Máár.

Als ik dan – vooral op SocMed – om me heen kijk, dan denk ik
“shit, wat ben ik toch een gruwelijk gemiddeldnormaalmodaal mens…”

– ik heb een redelijk goed lopende relatie met een lieve, hardwerkende, intelligente man
– ik heb twee in principe gezonde, fijne kinderen (hartegaatjes, dyslectie en ADHD zijn toch ook al heel normaal hedentendage)
– ik ben niet dakloos, integendeel, de boel is zelfgebouwd (huisje: check!)
– ik ben gek op tuinieren (boompje: check!)
– ik heb geen geldzorgen en aan het eind van m’n geld nooit eens een stukje maand over
– ik ga heel gewoontjes door m’n eigen gezellige midlife-crisis á là worstelen en bovenkomen
– ik heb geen uitbundig seksleven buiten de deur en al helemaal geen supermoderne “open relatie”
– ik heb de gebruikelijke hobbies van een veertigjarige,  zichzelf soms vervelende vrouw (zingen/musiceren, schilderen, schrijven, koken enzeau… ik studeer nog net geen kunstgeschiedenis)
– ik heb geen tattoos (nóg niet althans, de wens begint te borrelen maar dat zal ook wel bij die midlife crisis horen)
– ik ga niet elk weekend helemaal los op kinky parties, geyle dates of hete tweetups
– ik plan geen start-ups in de porno-wereld
– ik zit zelfs bij een voetbalvereniging (de absolute aaarghhh-factor, voor zover ik weet?).

Saaaaaaiiiiii…
How burgertrutty can you be.
Wat heb ik nou helemaal gedaan?
Het enige wat er nog mist in mijn onspannende leven is dus dat beestje
En dat zal er ook nog wel komen in de vorm van ’n huisdier want het beest in mij is klaarblijkelijk ver te zoeken.
Zucht…

Maar: is de socialmediamensheid nou écht zo spannend?
Het lijkt net alsof iedereen het daar met iedereen doet,
iedereen op zijn minst een heel verantwoordelijke, creatieve, stressvolle baan heeft,
iedereen daarnaast nog megaspannende toekomstdingen plant,
iedereen zich op dates, parties en tweetups een slag in de rondte feest,
iedereen iedereen kent en bijelkaar de deur plat loopt om te knuffelzoenen,
enzovoort.

En ik?
Ik ga maar weer burgerlijk schilderen nadat ik eerst weer een laagje water op onze burgerlijke mini-ijsbaan in die burgerlijke tuin van ons gespoten en het burgerlijk pruttelende draadjesvlees op het fornuis omgedraaid heb.

Ik ben zo spannend als vieze vaatdoek…

Mij rest enkel mijn eigen geweldige fantasie.

Iemand een handleiding “hoe word ik kinky, spannend en interessant” voor mij te leen???

Flauw

OK, m’n blog van gisteren was een beetje flauw. Maar het past wel bij mijn gevoel: flauw. Beetje mat in combinatie met dat nog steeds lege hoofd. Dan komt er simpelweg niks meer uit. Flauw ook van de kinderen, de ene een vroegpuberterende, halfzieke 6-jarige die alleen maar – letterlijk – rond mijn nek wil hangen, de andere een 9-jarige ADHD-er die nog geen pilletje heeft gehad, eigenlijk huiswerk zou moeten maken maar in principe enkel lol heeft in ’t pesten en op de zenuwen werken van zijn kleine zusje.

Gelukkig is zoon nu bezig met zijn lego en bayblades (waar graag meespelen willende dochter natuurlijk NIET – ik herhaal absoluut NIET – aan mee mag doen omdat ze toch alles kapot maakt), languit op de grond liggend. Man ligt samen met dochter onder een dikke nepbonten deken op de bank naar ’t skieen te kijken. Onze tuinijsbaan-in-wording ligt te verijzen. En ik lig te typen. Ik voel ’t aan m’n water, dit wordt een ligdagje. Ergens tegen de avond zal ik dan toch weer op moeten staan om mezelf op te vlotten en in drie lagen corrigerend ondergoed i.c.m. een rood jurkje te sjorren. Zometeen eerst maar ‘ns mijn glazen muiltjes zoeken en de koets poetsen.

Vanavond is ’t bal…

Ik word er nu alweer flauw van.

Een blog van niks

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

(u mag deze blog zelf invullen)

.

.

.

.

(fijn hè)
.

.

.

.

.
(met speciale grote dank aan Wilmke Schoonderbeek)

vrijdagmiddag

Weer een vrijdagmiddag.
Klaar met alles.
Niks meer moeten.
Eén glaasje volle, rode wijn
bij de zelfgemaakte groentensoep.
Mijn vrijdagmiddagglaasje.
Mag ik van mezelf.
Buiten nog steeds -10°C.
Zometeen nog een laagje water
Op onze tuinijsbaan spuiten.
Binnen heerlijk warm.
Kinderen gelukkig en uitgelaten.
Nog even drumles straks.
Ook volop genieten.
Nog even verder schilderen aan m’n “kadootje”.
Iets lekkers koken voor vanavond.
Een heel weekend voor me.
Mijn gevoel van nu
Wens ik iedereen toe.
Even niks moeten is een geweldige luxe.
Ik ben gék op vrijdagmiddagen…

FIJN WEEKEND ALLEMAAL!!!

I DID IT!!

Yes I did it indeed.

Ik heb opgeruimd.

En stof (en nog wat andere dingen als kleine speelgoedonderdelen) gezogen.

Mijn beste blog ever.


Mag ik hier ook nog even een PS schrijven…

PS:
het is nu welgeteld goed 4 uur later.
Het is weer neergedaald…
Ik herhaal: hét is weer neergedaald…
Puinzooi all over again. Just like when we first met.
Zucht.

puinzooi

als ik hier zo in mijn computerstoel (ja ik heb ’n computerstoel, een soort luie stoel met benen-op-salontafel-gooi-mogelijkheid en met heul brede armleuningen waar vanalles op ligt wat ik nog moet doen en waarvan ik nog niet weet waar ik het op ga bergen enzo) zit en even een rondblik waag door onze woonkamer, dan denk ik: “hmmm. misschien. heel misschien moet er iemand hier eens een keer een beetje opruimen.”

Op onze welgetelde 40m² (incl. keuken hè) liggen cq. staan onder andere volgende items:
– een stapel schone theedoeken en vaatdoeken (op de eettafel, dit vind ik eigenlijk wel acceptabel)
– een jackje van dochter (over de leuning van een eetkamerstoel. gaat ook nog)
– een eindelijk afgemaakte 3D-puzzel van zoon (op het keyboard)
– een nog lang niet afgemaakte 3D-puzzel van dochter (bovenop mijn 9120-stukjes-puzzel die nooit afgemaakt zal worden)
– een verlepte plant (maar ik heb nog een heel aantal niet verlepte – lang leve de kunstplanten!)
– vieze vaatdoeken (op de grond bij de deur)
– een nintendo DS (op de grond)
– een nintendo DSi (op de poef)
– een trui van dochter (naast de poef op de grond)
– een nintendo 3DS (op de bank)
– een heel ouwe laptop (op de bank)
– 2 afstandsbedieningen (op de bank, de overige 4 liggen keurig in de pruttelkist)
– telefoons (ik tel er minstens 4)
– koptelefoons (2)
– strijkwas (op de zitting van een eettafelstoel)
– nog te lezen dingen (op een andere eettafelstoel)
– mijn schilderspul en dat waar ik mee bezig ben (op de eettafel. iemand zóu er wat in kunnen herkennen…)
– een burcht van houten blokken (op de grond).
– een ninja-zwaard en een irritant kletsend Kiddy-Diaryding (ook op de poef)
– speelgoed, spelletjes, kapla en McDonaldsmeuk (overal)
– een crossmotor (in m’n boekenkast)
– CD’s, boeken, werkordners, cardreaders, schrijfboekjes, een bedrijfsjaarrekening, kussens, kleren, koffiekoppen, chocoladepapiertjes, nog meer werkspul, ………………………………………..???

Wat een puinzooi.
Het probleem is, ik ruim dit (bijna) dagelijks wél op (echt!!). Maar tegen de volgende avond ziet het er weer net zo uit. Dit is sissyphuswerk. Elke keer als ik denk “nu heb ik het éindelijk mooi aan kant” dondert de hele boel met vol geweld weer om mij heen neer.  En het erge is: ik ben medeschuldig…

Ik staak.
Dit is zinloos.
Ik heb een nieuwe roeping.
Ik word een messie.
Of ik blijf er eentje…


PS: ik was het stof nog vergeten…. (ook overal)

How low can you go…

jou ontmoeten, pure liefde voelen
high, high up we go
samen dromen, elkaar omspoelen
up so high, never low
toekomst plannen, voor altijd en eeuwen
spreading our love wings
beloftes doen, hartstocht uitschreeuwen
no more earthly things
plots die stilte, alles verdwenen
crashing down, now I know
jij een nieuw lief, ik moest henen
tell me, really, how low can you go…

*huilt mee*